Studentenalmanak 1931 - pagina 281
KWATRIJNEN.
Menschen.
Zij reizen ver van evenaar tot polen
hoog boven d' aard en in haar diepste holen —
toch kan er geen ontkomen naar een lichter ster,
zij blijven eeuwig in den kringloop dolen.
Jongeling.
Hij had een diep en zuiver lied vernomen
en kende 't held're ruischen van de stroomen;
maar eens ontwaakt van dit glanzend gezang,
moest hij op reis en ver van licht en droomen.
Leven en dood.
De tocht was roekeloos, en nooit gezien
de steile rotsen, die hij 't hoofd moest biên;
maar toen hij eind'lijk uit dit duister land
uittoog, heeft hij een heerlijk licht gezien.
Verlossing.
Eens werd de mensch het duister ingedreven
en eeuwen zwierf zijn trotsch, gebroken leven,
totdat hij kwam, die eenzaam voor ons stierf —
zijn dood heeft ons naar 't witte licht ontheven.
G, K,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1931
Studentenalmanak | 340 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1931
Studentenalmanak | 340 Pagina's