Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1931 - pagina 252

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1931 - pagina 252

2 minuten leestijd

216 IETS OVER KERKELIJKE POLEMIEK

zoodra zij strijden, ook voor het hoogste, ook voor Christus

zelf. Als dus de twee fronten vergeleken worden, doet men

goed niet aan twee anti-fronten, maar aan twee boven

elkaar liggende te denken, in dezelfde richting opgesteld,

uit dezelfde personen bestaande.

Uit het structuurverschil van K en P laten zich eenige

formules afleiden, die ons sommige van de levensopenba-

ringen der P verklaren. Nemen we K en P een oogenblik

als groepeerende agentia, dan vinden we: de K centraliseert,

de P adduceert. Hieruit vloeit voort, dat het getal voor de

P een wezenselement beteekent, zij is een quantum, voor

de K niet, zij is een quale. De P is de som van haar leden,

de som der K is het getal 1, De groei der P is de groei van

haar getal, de groei der K is de groei van het getal 1,

De individueele, ego-theistische behoefte aan grootheid en

macht, vindt in de partij haar collectief correlaat, en be-

vrediging, nl. in de grootheid der Partij, die bestaat in de

grootheid van haar getal. Die echter daarin dan ook be-

grensd is. De grootheid der Kerk is onbegrensd, immens,

want het getal 1 als centrale relatie is onmetelijk.

De volgende afleiding betreft de eenheid en den vorm,

In het lineaire front (dat immers een lijn van individuen,

niet van een belang is), bestaan de individuen alleen krach-

tens him gemeenschappelijke rechtheid, d,i, gelijkheid.

Doordat zij zich aan elkaar gelijk maken, conformeeren,

bestaan zij. Hier geschiedt een schijnoffer der persoonlijk-

heid, die zich handhaaft in de handhaving der groep. Dit

is het schijnoffer, dat het individu deelen van zich moet

laten afkappen, moet wegliegen om in het eenheidsfront te

passen, (individuaal-schema), en in die leugen toch zich

weer handhaaft. Zijn offer is een leugen. Ten eerste gaat

daardoor het individu ten gronde (en dus ook de groep).

Waar we weten dat het leven in het offer is en in de zelf-

handhaving de dood, daar zien we, dat in deze structuur

het behoud van het individu een schijnbehoud is. Ten

tweede is om dezelfde reden de eenheid der groep schijn.

Er is geen offer, dus geen gemeenschap, dus geen eenheid.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1931

Studentenalmanak | 340 Pagina's

Studentenalmanak 1931 - pagina 252

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1931

Studentenalmanak | 340 Pagina's