Studentenalmanak 1931 - pagina 282
DE MIDDELEEUWEN.
Hun donkre angsten en hun hunkrend hopen
werden het stijgend, naamloos groot gebed
der kathedraal; soms gingen daar, ontzet
en brandend, in een raam Gods oogen open.
handen, vermoeid van bidden en van wonden,
hebben zij smeekend naar hem uitgestrekt,
wanneer zijn dreigend oordeel hen gewekt
had uit de zwarte nachten hunner zonden,
en soms heef t hij onder hen rondgewandeld,
was met hen in 't geheim van wijn eiv brood
en als zij angstig bogen naar den dood,
troostten de diepe wonden in zijn handen.
en toen zij hem niet meer vergeten konden,
nadat hij eeuwen onder hen gericht
en maaltijd had gehouden, wilden zij
hem altijd in hun huis doen wonen — hij
echter ontkwam zwijgend aan hun gezicht
en werd in htmne stad niet meer gevonden.
G. K,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1931
Studentenalmanak | 340 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1931
Studentenalmanak | 340 Pagina's