Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1933 - pagina 146

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1933 - pagina 146

2 minuten leestijd

134 IETS OVER NATUURWETENSCHAP

ieder gebeuren een oorzaak heeft, moet zelf een oorzaak

hebben. De vraagstelling van de oorza2ik aller oorzaken

komt vanzelf naar voren en de speculatie over het bestaan

Gods — Descartes — verbonden met de causaliteitsge-

dachte, vindt vrij baan.

Reeds Sextus Empiricus wil van beperking van deze

algemeene geldigheid weten. Immers, indien wij de relatie,

oorzaak—gevolg, in het algemeen beschouwen, dan is niet

wel te onderscheiden tusschen wat oorzaak is en wat gevolg.

Met welke zullen wij beginnen? Sceptisch staat hij daarom

ten opzichte van de geldigheid van de causaliteitswet. Het

Godsbewijs gebaseerd op de causaliteitsreeks is uiteraard

zoo niet meer te handhaven,

Hume neemt deze gedachte weer op en critiseert voor het

eerst scherp deze wet.

Stellen wij een oogenblik, dat er in de buitenwereld inder-

daad causaliteit bestaait, b,v, een proces x is de oorzaak van

y Wat kan ik nu hiervan weten? X zelf is buiten mij, in

het geval dat x op mijn zenuwstelsel inwerkt ontstaat een

bewustzijnsverschijnsel, zoo ook van y. De eenige relatie

tusschen de twee bewustzijnsverschijnselen is een tijds-

volgorde. De causaliteitswet onderstelt echter meer, wij

vinden daarin ook het element van noodzakelijkheid.

Het gevolg moet volgen uit de oorzaak. Wat is nu de

rechtsgrond van deze noodzakelijkheid, die toch vóór-

onderstelling is voor alle natuurwetenschap.

Deze noodzakelijkheid leert zeker niet de z,g, uitwen-

dige ervaring, met de inwendige staat het niet veel beter.

Hoogstens laat zich waarnemen, dat op 'n bepaalde wils-

impulsie 'n lichaamsbeweging volgt, maar dat dit moét

'geschieden, dat is niet waar te nemen. Toch zijn we allen

er ons van bewust, dat sommige bewustzijnsverschijnselen

zich toevalligerwijze aaneensluiten en dat andere wijzen op

'n heel wat nauweren samenhang dan 'n tijdelijke volgorde.

De oplossing vindt Hume in bepaalde psychische wetten.

Door het herhaaldelijk voorkomen van bepaalde tijdelijke

verbindingen en opeenvolgingen, herinneren wij ons deze

bij ieder voorkomend geval en dank zij de associatiewetten

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1933

Studentenalmanak | 222 Pagina's

Studentenalmanak 1933 - pagina 146

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1933

Studentenalmanak | 222 Pagina's