Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1933 - pagina 171

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1933 - pagina 171

2 minuten leestijd

W A T IS WAARHEID ? 157

resultaat inderdaad het antwoord gegeven is. Maar nieds

is minder waar. Tooh eischt dit een nadere toelichting.

Het resultaat van het zich richten van de ratio op de

realiteit is wijsgeerige kennis, In de voorafgaande beschou-

wing is aangetoond, dat deze kennis niet geïdentificeerd

mag worden met waarheid en dat de ratio nooit verder kan

komen dan het toekennen van het praedicaaJt „werkelijk"

aan deze kennis. Tot nu toe is echter die realiteit zonder

meer beschouwd en wel in betrekking tot de onderscheiding

van onmiddellijk en middellijk, In deze beschouwing is geen

rekening gehouden met de openbaring. Wordt deze er bij

in begrepen, dan verkrijgt men oogenbUkkelijk een geheel

anderen stand van zaken.

Openbaring valt immers, naar twee zijden beschouwd,

onder de realiteit. De zijnsopenbaring heeft in de eerste

plaats deze beteekenis voor de ratio, dat zij, door het getui-

genis des Geestes, getuigenis geeft aan de middellijke rea-

liteit als een verschijning van de onmiddellijke. Zoo is haar

karakter voor alle menschen. Voor bijzondere menschen, de

geloovigen n.1, geeft zij door datzelfde getuigenis des Gees-

tes, maar dan in meer specialen zin, getuigenis aan den

bijbel als Gods Woord, m,a,w, zij geeft getuigenis aan een

middellijke realiteit Gods als een verschijning van de

onmiddellijke realiteit Gods, Deze middellijke realiteit Gods

is een gegeven voor de ratio. Het indentificeeren echter van

deze middellijke realiteit Gods met de onmiddellijke, alsof

de laatste ook een gegeven zou zijn voor de ratio, is het

groote gevaar, waarvoor men zich wachten moet. Dat is een

verheffing van de ratio, het gebrek van elk humanisme.

Die onmiddellijke realiteit Gods n,l, is metterdaad irra-

tioneel, d,w,z. de ratio te boven gaand, onbegrijpelijk.

Daaraan verandert ook niet het al- of niet-geloovig zijn.

Inderdaad wordt door de wedergeboorte de geheele mensch

verlicht, dus ook zijn ratio, maar een gegeven voor die ver-

lichte ratio is slechts de bijbel als middellijke realiteit

Gods, verschijning van de onmiddellijke realiteit Gods, die

ook voor de verlichte ratio onbegrijpelijk is.

Is er dan geen verschil tusschen een ongeloovige en een

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1933

Studentenalmanak | 222 Pagina's

Studentenalmanak 1933 - pagina 171

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1933

Studentenalmanak | 222 Pagina's