Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1936 - pagina 178

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1936 - pagina 178

2 minuten leestijd

DE JAS MET DE KNOOPEN

VAN GOUD

DOOR

PAUL

Dit is het verhaal van hoe Oom Jaap er toe kwam een

woning te verlaten, waar hij erg op gesteld was. Het is

een onwaarschijnlijk verhaal, maar wie Amsterdam een

beetje kent, weet, dat daar veel onwaarschijnlijke dingen

gebeuren. Waarom zou Oom Jaap dan niet op een wat

spookachtige manier zijn weggewerkt uit een kamer in

de oude stad?

't Was een kamer op de derde verdieping, vlak onder

het bochelend puntdak, van een gammel pakhuisje in

het Midden-Klooster. In die kamer was het licht altijd

groen, 's Winters grauw-groen, 's zomers goud-groen.

Zelfs het licht buiten het raam, in den nauwen koker van

de binnenplaats, was groenig. Misschien was het de

weerschijn van het mos, dat in de goten en tusschen de

oude pannen groeide; of misschien was het de zichtbaar

geworden veenlucht, die opwalmde door de gebarsten

tegels van het plaveisel beneden. Misschien was het de

essence van vervlogen jaren, gebotteld binnen de hooge,

blinde m u r e n . . . .

Als Jaap 's avonds thuiskwam, schold hij hartig op

den bouwer, die voor zoo'n pakhuis steile ladders, al

hadden die dan ook vlakke treden in plaats van sporten,

goed genoeg had gevonden. Maar als hij zijn deur open-

deed en het laatste daglicht hing in de ruitjes van zijn

raam, dan werd Jaap stil. Hij ging zitten en liet zijn

moede oogen in dat koele groen rust vinden. Pas als de

ijle kleur tot zwart was verschemerd, stak hij zijn vet-

kaarsje aan, at zijn avondbrood en dronk er een paar

slokken water bij — als er tenminste nog water was!

Wanneer het op was, voelde hij zich vaak te moe om te

gaan halen, van beneden: al die trappen! Jaap schold

nog wat en ging naar bed. Zoo'n rijke stinkerd van een

huisheer die niet eens water naar drie-hoog liet leggen!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1936

Studentenalmanak | 242 Pagina's

Studentenalmanak 1936 - pagina 178

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1936

Studentenalmanak | 242 Pagina's