Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1938 - pagina 184

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1938 - pagina 184

2 minuten leestijd

vormen den grondtoon van de wereld van geluiden m

den Afrikaanschen nacht.

Boven dit alles welft zich de donkere hemel met zijn

maan en fonkelende sterren. Donker en dreigend ver-

heft zich de Matapos-keten, hel glinsteren de massieve

rotsblokken, diep zijn de schaduwen, die ze op het

plateau roepen.

Midden op het plateau, in het volle maanlicht, teekent

zich een verhooging af — een groot vlakgehouwen steen-

massief — een grafsteen. Hier heeft de mensoh de natuur

weer gevonden. Hier is de mensch weer één geworden

met de natuur, één in de stilte en de rust.

En toch — niet pas de dood en zijn oneindige stilte

veareenigt mensch en natuur. Forsch en breed staat in de

schaduw van een rots een zoon van het land, een Mata-

bele, alleen, onbewegelijk, stil op de hoogte van den graf-

heuvel als bewaker. Hij verdwijnt en gaat op in zijn om-

geving, hij is één met de natuur, die hem omgeeft, die

eenheid is verkristalliseerd in de stilte, in de eenzaam-

heid.

De eenzaamheid van de natuur, de eenzaamheid van het

graf van Cecil Rhodes en de eenzaamheid van den Mata-

bele. Daarin zijn zij één.

* *

*

III. Stil, heel stil kwam de duisternis, onhoorbaar, snel

nam zij bezit van de aairde, om er gedurende den kor-

ten, tropischen nacht haar rijk te vestigen. Zacht wuifden

de groote waringins en palmboomen, geheimzinnig

elkaar hun onbegrepen lied toesuizelend. IJl trilden de

klare, zuivere tonen van een fluit door de avondlucht,

beteekenis brengend in het lied der boomen en de een-

zame schrei van een vogel.

Fel gloeiend was de zon ondergegaan, de sawahs had-

den zich gebaad in haar warme stralen en stil gingen ze

nu over in de rust van de nachtelijke koelte. —

Rustig zat hij in de voorgalerij, de beenen languit ge-

strekt, de armen gesteund op de leuning van zijn rottan

176

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1938

Studentenalmanak | 226 Pagina's

Studentenalmanak 1938 - pagina 184

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1938

Studentenalmanak | 226 Pagina's