Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1942 - pagina 196

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1942 - pagina 196

2 minuten leestijd

hun middel van bestaan bedreigd zagen, noch de verbrui-

kers, voor wie deze druk op een dagelij ksch genotmiddel

een ontbering te meer werd bij de algemeene verarming,

hadden vrede met Gogels bewering, dat in deze de bijzon-

dere belangen voor het algemeen belang moesten wijken",

schrijft Johanna Naber in „Overheersching en Vrij-

wording"2).

Ook op het gebied van het onderwijs grepen de Fran-

schen in, met name wat betreft het hooger onderwijs. De

universiteiten van Leiden en Groningen werden tot acade-

miën van de Keizerlijke Universiteit verklaard en hun

inrichting en onderwijs in Franschen geest geregeld. Hoe

men hierover ten onzent dacht, blijkt duidelijk uit wat

Kemper bij de opening der algemeene vergadering van de

HoUandsche Maatschappij voor Kunsten en Wetenschap-

pen in 1812 aangaande de Leidsche universiteit zeide: „Ik

zag eene inrigting sloopen, die, gelijk zij de eerste letter-

kundige vrucht der HoUandsche onafhankelijkheid was

geweest, ook in alle hare instellingen dienzelf den geest van

onafhankelijkheid ademde. Ik zag haar, ondanks den roem

van meer dan twee eeuwen, sloopen, om plaats te maken

voor eene inrigting, waarvan de ondergeschiktheid en

eene bijna krijgshaftige tucht de hoofdleuzen zijn". Hij

begon zijn toespraak bij de opening van zijn academische

lessen dan ook met deze woorden: „Ik ben een Hollander

1 en draag er roem op, dit te zijn". De Leidsche universiteit

voegde zich, zij het weerstrevend, in den nieuwen gang

van zaken, al klaagde Lebrun in Mei 1813, dat de hoog-

leeraar in de Fransche letterkunde er „slechts tegen de

vier muren" sprak.

Op de drukpers werd een preventieve censuur uitge-

oefend, die naarmate de stemming jegens het Fransche

bestuur vijandiger werd, in strengheid toenam. De meeste

bladen werden opgeheven, de resteerende onder toezicht

van den prefect geplaatst. „Alleen wat de regeering goed

2) Johanna W. A. Naber, Overheersching en Vrijwording, t.a.p.

blz. 114.

188

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1942

Studentenalmanak | 266 Pagina's

Studentenalmanak 1942 - pagina 196

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1942

Studentenalmanak | 266 Pagina's