Studentenalmanak 1946 - pagina 212
Zoo kwam men na den val van Napoleon tot een nieuwe
poging om de orde te handhaven door de schepping van het
zoogenaamde Europeesch concert, in iwelke uitdrukking het
woord concert natuurlijk niets met de muziek te maken heeft,
maar enkel „overeenstemming" beteekent; in de diplomatieke
stukken werd het wel afgewisseld met het woord „accoord".
De vier toenmalige groote Mogendheden Oostenrijk, Groot-
Brittannië, Pruisen en Rusland kwamen bij het verdrag van
Chaumont van Maart 1814 overeen hun krachten saam te
voegen tegen Frankrijk's verstoring der orde „et de les em-
ployer dans un parfait concert afin de se procurer a elles-mêmes
et ä l'Europe une paix générale"; zij verklaarden daarbij niet
alleen voor zich zelf te spreken, maar ,,au nom de l'Europe ne
formant qu' un seul tout". Zoo wierpen de vier Groote Mo-
gendheden, waarbij in 1818 zich nog Frankrijk voegde, op tot
een soort van Europeesch gemeenschapsorgaan, dat op onre-
gelmatige tijden, als de gang van zakejn weer eens voor de
zooveelste maal was vastgeloopen, door de middelen van hun
machtspositie die weer op gang brachten. Het Weener con-
gres was op hetzelfde beginsel gefundeerd en in den loop der
19e eeuw werd herhaaldelijk door het concert ipgegrepen. Maar
ook deze machtsregeling vermocht geen duurzame verbetering
te brengen; de algmeene spanning nam door den onderlingen
machtsstrijd steeds toe, tot eindelijk in 1914 de eerste wereld-
oorlog aan alle illusies een eind maakte en de harde werke-
lijkheid onverbiddelijk aan den dag trad.
Toen na beëindiging van den oorlog een nieuwe internatio-
nale regeling moest worden getroffen was er maar één moge-
lijkheid meer open. Achtereenvolgens waren sedert de middel-
eeuwen de wereldmonarchie, de hegemonie, het machtseven-
wicht en de geconcerteerde actie der groote mogendheden ge-
probeerd en mislukt. Stelselmatige ordening der Staten door
het scheppen van gemeenschapsorganen op federatieven grond-
slag werd thans door het verloop der feitelijke practijk en
daardoor alleejn aan de orde gesteld als de eenige uitweg.
Het waren dan ook niet de theoretici der vredesbeweging, maar
de staatslieden der practijk — Asquith, Lloyd George, Briand,
194
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1946
Studentenalmanak | 278 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1946
Studentenalmanak | 278 Pagina's