Studentenalmanak 1949 - pagina 219
de Universiteit. De pijp tabak, het haardvuur, het genoegelijk
gesprek, het bier en de wijn, zij zijn als regen op een dorstig
land. Zij houden ons levend. W e zouden anders mummifi-
ceren.
Al hetgeen de vriendschap bevordert, het studentencorps,
de disputen, de sociëteit, heeft bestaansrecht. Daarin steekt
ook niets „ongeestelijks". De begroeting ,.vriend" is in het
Koninkrijk der hemelen een erenaam. Vooral studenten-
vriendschap dient hoog te worden aangeslagen. Men moet
maar eens het trieste en verkommerde gemoedsleven van
de vereenzaamden hebben ontmoet, om dat te beseffen.
Nochtans is de critiek op onze gezelligheid veelal gegrond.
Zij is noodzakelijk tegenwicht. Inderdaad. Maar zij is dan
ook meestal weinig meer dan reactie, uitbundige revanche
van onze gedwarsboomde natuur. Met een flink accent op
„natuur". En daar ligt meteen het punt, waarop geloof en
gezelligheid uiteengaan. Het is goeddeels onze oude Adam
en niet de nieuwe mens, die onze gezelligheid bestuurt. Met
het gevolg, dat ook onze feesten en fuiven vrij antithetisch
komen te staan tegenover hetgeen uit genade in ons leeft.
De Universiteit — ook de Christelijke Universiteit — schijnt
zo naar haar aard weinig bevorderlijk voor het Christelijk
geloof. Al de hier aangeduide factoren werken in dezelfde
richting: distantie van de Levensbron. Zou mede daarin ook
de oorzaak gelegen zijn van het feit, dat het komen aan onze
Universiteit niet allen bevredigt en dat men slechts spora-
disch iets bespeurt van enthousiasme, van een werkelijk
Christelijke geestdrift?
De Stichter van de V.U. kende de gevaren zeer wel; men
leze er zijn ,,Scholastica" maar eens op na. Z e hebben hem
niet afgeschrikt of ontmoedigd.
Beoefening van wetenschap betekende voor Kuyper geen
verzameling van vakgelecrdheid of examenstudie. Zij was
hem een verwijlen vol verwondering in de tovertuin van
Gods wonderbare Schepping. ,,Niet maar te leven, maar te
weten, dat en hoe ge leeft, en hoe het leeft om U heen, en
hoe dit al samenhangt en leeft uit die éne werkende oorzaak,
die van Gods mogendheid en Gods heilige wijsheid uitgaat".
199
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1949
Studentenalmanak | 254 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1949
Studentenalmanak | 254 Pagina's