Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1949 - pagina 221

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1949 - pagina 221

1 minuut leestijd

De zwarte vlerken van de nacht

wiekten onhoorbaar over de aarde

en wat de dag aan logica nog spaarde

hebben zij duister omgebracht.

Nu wast het leven als een vloed,

onhoudbaar — onbedwongen door de dijken

die slapende en allang aangevreten blijken

— O, water dat de akkers onderlopen doet—.

Nu rijst het peilglas van het bloed

Nu word ik als een tol de draaikolk ingezogen;

tonelen, beelden flitsen langs mijn ogen:

Ik ben een drenkeling die drinken moet.

Maar bij het grauwe gloren van de dag

is het tomeloze in zichzelf teruggeweken;

op het beëbde strand hebben de meeuwen rondgekeken

naar 't dode aas: de resten van 't gelag.

H. M. K.

!

201

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1949

Studentenalmanak | 254 Pagina's

Studentenalmanak 1949 - pagina 221

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1949

Studentenalmanak | 254 Pagina's