Studentenalmanak 1950 - pagina 229
HENDIADYS
I
o , God -— dit nameloze
vervuld zijn tot de schedelpan
van het ganse wereldverlang
zonder verpozing.
Het krenkt mijn lichte ogen
verdoemt mij, tot de tast
die lust tot last
en tot dracht moet doven —
en toch niet baren kan
want het is U w wil
dat onze ziel
zwanger blijft van *t verlang.
II
Ik ken nog maar één schreeuw:
zo statig in de lucht te staan
als gindse bomen
en in de pijnen dezer eeuw
verzadigd van mijn witte bloei opgaan
in roereloze dromen.
1948 H. M. K.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1950
Studentenalmanak | 284 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1950
Studentenalmanak | 284 Pagina's