Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1951 - pagina 262

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1951 - pagina 262

2 minuten leestijd

De scheiding van geest en lichaam bracht mij zodoende tot

de volgende gevolgtrekkingen:

1. De dood is het totaal verliezen van de wil, (zondei

mogelijkheid tot herkrijging daarvan), met gevolg, dat

lichaam en geest uiteenvallen;

2. De slaap is het tijdelijk niet werken van de wil, evenals

de bewusteloosheid.

De overeenkomst tussen slaap en bewusteloosheid is, dat

de wil uitgeschakeld wordt tengevolge van overbelasting

van geest en lichaam. Het verschil ligt hierin, dat be-

wusteloosheid meestal het gevolg is van gewelddadige

aantasting van bepaalde lichaamsorganen, zo zelfs, dat

de totale gesteldheid van de persoon, ondanks de in-

activiteit van de wil, zich niet direct herstelt of „uit-

rust"; een relatief verschil dus.

3. Datgene wat lichaam en geest verbindt is DE WIL.

4. Terwijl mijn geest afwezig was, leefde mijn lichaam ge-

woon voort. Alleen zeiden mijn vrienden later dat ik

„wartaal" sprak. Zij dachten, dal het dronkenschap was

en ik heb hun niet duidelijk kunnen maken, dat het hier

betrof een afscheiding van de geest uit het lichaam,

men zou kunnen zeggen, met medeneming van de wil.

De wil had dus wel verbinding met het lichaam, maar

veel geringer dan normaal. De wil behoort dus meer tol

de geest dan tot het lichaam.

Tenslotte moet ik er op wijzen, dat het feit, dat ik niets

kon waarnemen in het astrale impliceert, dat ik ook niet

kon waarnemen, dat ik niets waarnam. En hier ligt

de antinomie.

Mijn vrienden hadden toch gelijk.

J. R.

246

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1951

Studentenalmanak | 298 Pagina's

Studentenalmanak 1951 - pagina 262

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1951

Studentenalmanak | 298 Pagina's