Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1951 - pagina 236

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1951 - pagina 236

2 minuten leestijd

der Goddelijke Woord-openbaring, dat van schepping, zondeval en

verlossing door Christus Jezus. Daartoe diende het scholastisch

synthese-motief van natuur en genade of natuur en boven-natuur.

In de theoretische visie op de menselijke samenleving voerde dit

nieuwe religieuze grondmotief tot het bekende onderbouw-boven-

bouwschema, dat in de sociale verhoudingen der Middeleeuwen

zijn practische verwerkelijking vond.

De samenleving vertoont volgens dit schema een natuurlijke

onderbouw en een boven-natuurlijke bovenbouw. De eerste is

overeenkomstig de Aristotelische opvatting een trapsgewijze ont-

plooiing van de sociale aanleg der redelijke mensen-natuur en

vindt in de staat als natuurlijke totaal-gemeenschap haar univer-

salistisch sluitstuk. De tweede is de ontplooiing van de gemeen-

schapswerking der boven-natuurlijke genade, die in het hiƫrar-

chisch georganiseerde kerk-instituut de gestalte van een hogere

societas perfecta, nl. van de totaal-gemeenschap van het christelijk

leven verkrijgt. Dit kerk-instituut voert de natuurlijke gemeenschap

tot haar boven-natuurlijke volmaking.

In deze universalistische denkwijze met haar religieuze verabsolu-

tering en overspanning van de figuur der natuurlijke gemeenschap

vindt men nergens een aanknopingspunt voor een onderscheiding

van de gedifferentieerde sociale levenskringen naar hun innerlijke

aard en intern structuur-principe. De universalistische visie, die

een bepaalde tijdelijke gemeenschap (i.e. staat en kerk) als het

geheel vat, waarvan alle andere levenskringen slechts dienende

delen kunnen zijn, sluit het inzicht in deze innerlijke geaardheids-

verschillen binnen de samenlevingsverhoudingen principieel uit.

Slechts het Schriftuurlijk scheppingsmotief der Goddelijke Woord-

openbaring, volgens hetwelk God alle dingen, elk naar hun aard

geschapen heeft, kan het sociologisch denken in deze richting

leiden.

Wanneer Thomas de huwelijksgemeenschap definieert als een

natuurrechtelijke levenslange verbinding van man en vrouw, die

tot wezensdoel heeft de voorplanting van het mensengeslacht, dan

is daarin niets te vinden van de innerlijke structuur en geaardheid

dezer natuurlijke gemeenschap. Het huwelijk wordt gedefinieerd

naar zijn natuurlijk doel, dat echter zelf geheel buiten de inner-

lijke structuur dezer gemeenschap ligt en op de gezinsvorming

betrekking heeft. Ook een kinderloos huwelijk blijft immers een

220

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1951

Studentenalmanak | 298 Pagina's

Studentenalmanak 1951 - pagina 236

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1951

Studentenalmanak | 298 Pagina's