Studentenalmanak 1951 - pagina 241
Tegen de individualistische conceptie van het Humanistisch per-
soonlij kheidsideaal wordt een universalistische gesteld: Tegen de
verabsolutering van het individu keert zich de verabsolutering van
de gemeenschap. En tegen de rationalistische poging de individuali-
teit van het subject in algemene wetten op te lossen wendt zich
nu een irrationalistische opvatting van de vrije en autonome per-
soonlijkheid: men tracht thans de wet te herleiden tot een onzelf-
standige uiting van de individuele aanleg. De nomos, de gedrags-
regel, wordt een reflex van de individualiteit van het autos.
Reeds de vroeg-Romantiek dreef de spot met Kants „burgerlijke
wetsmoraal" en stelde daar de „geniale moraal" tegenover, die
uiteraard tot anarchistische consequenties moest leiden. Deze con-
sequenties waren op het irrationalistisch standpunt alleen te ont-
gaan, door de individuele enkeling slechts als lid van een gemeen-
schap te vatten, welker autonome ordeningswil met zijn eigen
individuele natuur in overeenstemming zou zijn.
De Historische School leerde, dat de gehele cultuur van een volk
het historisch product is van de individuele volksaard en dat de
volksgemeenschap en haar politische organisatievorm: de staat
natuurlijke gemeenschappen zijn, die door de mens niet gemaakt
worden, maar „naturwüchsig" als organisch voortbrengsel van de
zgn. „volksgeest" zich ontwikkelen. In deze gemeenschappen is de
individuele mens geboren en ingegroeid en alle andere gemeen-
schappen, (gezin, familie, verenigingswezen, kerk, bedrijf, enz.)
zijn slechts als delen van het nationale volksgeheel te vatten. De
volksgemeenschap als totaal-gemeenschap is volgens de Germanisti-
sche vleugel der Historische School een „gegliederte Gemeinschaft"
met een eigen individuele persoonlijkheid.
Deze irrationalistische universalistische opvatting kon dan weer
worden uitgebouwd tot de idee van een natuurlijke gemeenschap der
volkeren, als basis voor het volkenrecht. (Zo ven SAVIGNY, de
grondlegger der bedoelde school.)
Met nadruk merk ik op, dat aan deze nieuwe conceptie van de
natuurlijke gemeenschap een historistisch werkelijkheidsbeeld ten
grondslag lag, dat door zijn verabsolutering van het historisch
aspect der samenleving weer geen plaats had voor constante
structuurprincipes, die de innerlijke aard der sociale levenskringen
bepalen.
Een bijzonder acuut gevaar school op dit standpunt in de theorie
225
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1951
Studentenalmanak | 298 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1951
Studentenalmanak | 298 Pagina's