Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1953 - pagina 264

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1953 - pagina 264

2 minuten leestijd

Over de „slechte senator" is heel wat te schrijven, maar aangezien

dit alleen theoretisch belang heeft, wijl dergelijke senatoren niet

voorkomen (ik bedoel hen, die zonder (m)eer gedechargeerd wor-

den), laat ik een kleine ruimte op deze bladzijde open, blank als de

lijst hunner verdiensten.

Tenslotte de meest spectaculaire aller senatoren, de man, van wie aid

enig excuus voor het verkrijgen van een ambt geldt, dat hij „een

goeie vent" is, een kwalificatie, die niet berust op ijver of verdien-

ste, doch slechts een aangeboren of opgekweekt karaktertype aan-

duidt.

Ook in „goeie venten" is variatie, hoewel zij de enigen zijn, die aan

de conventionalistische eisen van het groepsideaal voldoen.

Studenten eisen van elkaar, dat zij geen wetten erkennen en dat zij

allerlei grenzen doorbreken. Deze eis zelf is, o paradox, tot een

conventie verstard en maakt studenten tot de meest burgerlijke anti-

burgers, die zich denken laten.

De „goeie vent" nu is degene, die wat dit betreft niet afwijkt van

wat de leidende groep (en dus de massa) prachtig vindt.

We zouden hem eigenlijk Gregorius willen noemen, omdat hij, door-

drongen van het bovengenoemd beginsel, listig en omstandig zich

voegt naar het model der massa en deswege wordt verkozen om die

te leiden. Aangezien dit model echter vrij hoge eisen stelt, is er

altijd wel een zekere garantie voor de kwaliteit van de „goeie vent".

Daar deze ietwat mystieke en wellicht mythische figuur toch niet

helemaal door deze omschrijvingen is gevat, kunnen wij hem het

beste benaderen door een opsomming van zijn „daden, eigenschap-

pen en gedragingen".

De goeie vent voert het woord op de Corpsvergadering. Hij wordt

praeses van zijn dispuut en slaagt voor zijn candidaatsexamen.

Natuurlijk heeft hij klassieke opleiding.

Hij komt veel in de bioscoop, ook wel eens in de Schouwburg, zel-

den in een museum en soms in De Kleine Zaal.

Hij heeft gelezen: De Kellner en de levenden, Pieter Bas, The

Young Lions, Het 25ste uur, e.d., maar niet Ongeloof en Revolutie

(wat trouwens niemand gelezen heeft) e.d.

258

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1953

Studentenalmanak | 308 Pagina's

Studentenalmanak 1953 - pagina 264

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1953

Studentenalmanak | 308 Pagina's