Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1954 - pagina 272

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1954 - pagina 272

2 minuten leestijd

Ons grootste bezwaar echter is, dat men in al dergelijke redeneringen

volstrekt niet rekent met het bijzondere ^), het geïnspireerde karak-

ter van het O.T., waardoor alles van meet af in een uitzonderlijke

positie komt te verkeren. M.n. wordt nergens gerekend met de pro-

videntiële zorg Gods ter bewaring van de ipsissima verba, die Hij

de profeten eens deed spreken, opdat ze zouden doorklinken tot aan

het eind der eeuwen ^).

En daarop wijst het O.T. zelf uitdrukkelijk, men leze b.v. Jeremia

30: 2, Jesaja 30: 8 etc. ' ) . Uit dergelijke plaatsen blijkt tevens hoe-

zeer men zich bewust was, dat mondelinge overlevering onvoldoende

is en schriftelijke optekening zeer dringend nodig is, wilden latere

geslachten ook profiteren van wat men zelf ontvangen heeft.

Het O.T. spreekt daarom ook herhaaldelijk van schriftelijke optekening

van hetgeen men aan Goddelijke openbaring ontving, verg. b.v. voor

Mozes: Ex. 2 4 : 4 ; Deut. 17:17, 18; 3 1 : 9 , 24-26, voor Samuel:

1 Sam. 10: 25, voor de profeten: Jes. 8 : 1 , 16; 30 : 8; Jer. 30 : 2; 36: 2,

28; 51:60; Ez. 4 3 : 11, 12, welke laatste uitspraken in verband met

ons onderwerp van zeer veel gewicht geacht moeten worden.

Het mag derhalve veilig aangenomen, dat de schriftelijke overlevering

een allesbeheersende plaats heeft ingenomen.

Wel tracht men de mondelinge overlevering op indirecte gegevens

uit het O.T. zelf te gronden *).

Men wijst er n.1. op, dat in de volgorde van de profetische woorden

duidelijk het gebruik van associatieve woorden te merken is, waar-

uit zou blijken, dat deze lange tijd mondeling in bepaalde complexen

overgeleverd werden. Ook herinnert men aan herhalingen, oneffen-

^) Van der Ploeg a.w. pag. 33, 41

') Verg. hierbij de opmerking van W. F. Albright (From the stone

Age to Christianity 1946, pag. 42, 43), dat de condities voor een

betrouwbare overlevering in Israel veel gunstiger waren, dan b.v.

bij de Grieken en Romeinen in hun oudste tijd.

*) Verg. G. Ch. Aalders. Profeten des Ouden Verbonds 1918 pag.

108. Oud-Test. Canoniek 1952, pag. 203.

«) Verg. W. F. Albright, Journal Biblic. Lit. LXXI, IV, 247, waar

deze mededeelt, na een minutieus onderzoek, tot de conclusie

te zijn gekomen, dat de verschillen tussen de parallele teksten

2 Sam. 22 en Ps. 18 en tussen de lijsten van de Lev. steden in

Jozua en 2 Kron. duidelijk voortgekomen zijn uit schriftelijke

overlevering.

248

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1954

Studentenalmanak | 324 Pagina's

Studentenalmanak 1954 - pagina 272

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1954

Studentenalmanak | 324 Pagina's