Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1954 - pagina 270

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1954 - pagina 270

2 minuten leestijd

onderzoekers ^) er toe, hierbij een groot vraagteken te zetten.

Men had, zo betoogden dezen, van de overlevering van de Koran

een heel vertekend beeld gegeven. Hier speelde immers juist al zeer

vroeg de schriftelijke optekening een allesbeheersende rol. Wel is het

waar, dat de tekst van de Koran van het begin af tot op vandaag toe

uit het hoofd geleerd wordt, maar, zo werd van deze zijde betoogd,

dit is toch al heel weinig bewijskrachtig om het bestaan van een zelf-

standige mondelinge overlevering van de tekst aan te tonen. Men

vergelijke het slechts ^) met het feit, hoe ook bij ons de catechismus

al enkele eeuwen lang uit het hoofd geleerd wordt, maar de tekst

toch uitsluitend schriftelijk van geslacht op geslacht overgaat.

Het bleek voorts ook, dat het onjuist is, dat de traditie-literatuur

jaren lang alleen mondeling overgeleverd werd. Zeer vroeg was er

hier al optekening en pas in later tijd werd er grote nadruk gelegd,

in bepaalde kringen, op de mondelinge overdracht, wellicht onder

invloed van wat men te weten kwam van de wijze, waarop de Rab-

bijnen hun onderricht inkleedden ' ) .

Ook de oud-Arabische poëzie, wel het sterkste gegeven, waarop men

meende zich te kunnen beroepen, bleek bij nader onderzoek aller-

minst zo lang zonder schriftelijke optekening te zijn geweest als velen

dachten.

In elk geval mag als vaststaand aangenomen, dat b.v. wijsheidsspreu-

ken al zeer spoedig opgetekend werden.

Sommige auteurs *) menen ook, dat veel van de oud-Arabische poëzie

lang voor de Umayyadentijd al schriftelijk overgeleverd werd en ver-

klaren zelfs, dat de varianten in de huidige teksten alleen verklaard

kunnen worden uit het uitermate gebrekkige oud-Arabische schrift,

dat tot veel misverstanden aanleiding gaf. Men bedenke n.1. dat niet

alleen geen vocaaltekens bestonden, maar dat ook bepaalde letters niet

van diacritische punten voorzien waren, zodat b.v. de b, t, th er vol-

komen gelijk uitzagen. Ook letters als de f n de q waren uiterlijk

niet van elkaar te onderscheiden, evenmin als de dsch, de h en de ch

etc.

Alleen wie hierop let, zo menen zij, kan de bestaande varianten be-

^) Verg. van der Ploeg. Le Róle de la tradition orale. Revue Bi-

blique 1947, pag. 5—41. G. Widengren. Literary and Psycho-

logical aspects of the Hebrew prophets, 1948.

*) Widengren a.w. pag. 91, noot 2.

*) Widengren a.w. pag. 44, Horovitz, Der Islam 1918, 46.

*) Krenkow. A Volume of oriental studies 267. Widengren a.w. 25.

246

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1954

Studentenalmanak | 324 Pagina's

Studentenalmanak 1954 - pagina 270

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1954

Studentenalmanak | 324 Pagina's