Studentenalmanak 1955 - pagina 334
deelte dat het Hemelse Lied (Bhagavad Gita) heet, daarin wordt ge-
vonden wat de kern is van de leer van Yoga, de wetenschap van het
stelselmatig toepassen van empirisch gevonden wetten tot ontplooiing
van het bewustzijn, toegepast op het individuele Zelf. De Indiërs
hebben, naar een uitdrukking van Soloviefï een „innere Athos" en
daarmee is pijnlijk nauwkeurig aangegeven het onderscheid tussen hen
en de moderne westerse mens. Via deze Athos op het spoor dat Yoga
is, vinden ze sinds duizenden jaren de weg naar het Zelf.
Twee gestalten verrijzen bij het denken aan deze oudheid uit de alles
omvattende nevelen, nl. Rama en Krishna, van deze laatste zou men
kunnen zeggen dat er lijnen lopen naar de oud-egyptische Hermes.
De wereld is bestemd voor de ontplooiing van het Zelf; zolang dit
niet is gebeurd, is de wereld een veranderlijk schimmenspel, het On-
veranderlijke er in is ongrijpbaar, en dit wordt Maya genoemd, wat
noch het werkelijke (Sat) noch het onwerkelijke (Asat) is. De ver-
snelling van dit proces heet Yoga, dat langs vier wegen mogelijk is:
Karma-Yoga dat een ritueel bezigzijn en het werkend leven omvat,
Bhakti-Yoga, het pad der liefdevolle toewijding, Raja-Yoga dat het
gevaarlijkst, en daardoor voor velen het aantrekkelijkst, is omdat er
speciale vermogens in de mens tot leven worden gewekt, en Jnana-
Yoga, het pad der directe realisatie; deze vier vormen zijn meer op-
eenvolgende stadia, dan afgescheiden wegen. D e volledige realisatie
heet Samadhi, waarvan geen terugkomen naar deze wereld is. Het is
duidelijk dat een dergelijke weg aan zich vooraf moet laten gaan een
intens éénheidsbeleven en dat is het wat bedoeld wordt met de be-
kende spreuk: tat twam asi, dat zijt gij. Inderdaad is het onderscheid
tussen levend en dood, geest en stof, tijd en eeuwigheid niet gerela-
tiveerd, maar wordt, als behorende tot het onwerkelijke, beschouwd
als uiteindelijk niet-bestaand, en daarom afgewezen. De secte der
Baoels (de dwazen om God's wil) vormen hier een extreem door dit
beleven reeds geheel in het aardse vlak te willen bereiken en komen
daardoor voor ieder die anders is, in dwaze botsingen met hun om-
geving. De wijze die samen met zijn hond eet uit één nap, zegt:
,,Vishnu geeft Vishnu te eten, dunkt u dit verwonderlijk?" God is
in alle mensen, niet alle mensen zijn in God en dit is de oorzaak van
het lijden, zo wordt door Yoga ook het einde der smarten in het voor-
uitzicht gesteld. Hoe kan nu het eindige het Oneindige beseffen?
Een pop van zout tracht de zee te doorgronden en dit doende wordt
ze opgelost en vernietigd. Voor de mens wordt dit ,,en gered"!
Hoe Yoga werkt kan men in zeer vele, zeer goede boeken lezen, hoe
Yoga in de westerse praktijk doordringt en verderf zaait, kan men al
306
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955
Studentenalmanak | 370 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955
Studentenalmanak | 370 Pagina's