Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1955 - pagina 334

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1955 - pagina 334

3 minuten leestijd

deelte dat het Hemelse Lied (Bhagavad Gita) heet, daarin wordt ge-

vonden wat de kern is van de leer van Yoga, de wetenschap van het

stelselmatig toepassen van empirisch gevonden wetten tot ontplooiing

van het bewustzijn, toegepast op het individuele Zelf. De Indiërs

hebben, naar een uitdrukking van Soloviefï een „innere Athos" en

daarmee is pijnlijk nauwkeurig aangegeven het onderscheid tussen hen

en de moderne westerse mens. Via deze Athos op het spoor dat Yoga

is, vinden ze sinds duizenden jaren de weg naar het Zelf.

Twee gestalten verrijzen bij het denken aan deze oudheid uit de alles

omvattende nevelen, nl. Rama en Krishna, van deze laatste zou men

kunnen zeggen dat er lijnen lopen naar de oud-egyptische Hermes.

De wereld is bestemd voor de ontplooiing van het Zelf; zolang dit

niet is gebeurd, is de wereld een veranderlijk schimmenspel, het On-

veranderlijke er in is ongrijpbaar, en dit wordt Maya genoemd, wat

noch het werkelijke (Sat) noch het onwerkelijke (Asat) is. De ver-

snelling van dit proces heet Yoga, dat langs vier wegen mogelijk is:

Karma-Yoga dat een ritueel bezigzijn en het werkend leven omvat,

Bhakti-Yoga, het pad der liefdevolle toewijding, Raja-Yoga dat het

gevaarlijkst, en daardoor voor velen het aantrekkelijkst, is omdat er

speciale vermogens in de mens tot leven worden gewekt, en Jnana-

Yoga, het pad der directe realisatie; deze vier vormen zijn meer op-

eenvolgende stadia, dan afgescheiden wegen. D e volledige realisatie

heet Samadhi, waarvan geen terugkomen naar deze wereld is. Het is

duidelijk dat een dergelijke weg aan zich vooraf moet laten gaan een

intens éénheidsbeleven en dat is het wat bedoeld wordt met de be-

kende spreuk: tat twam asi, dat zijt gij. Inderdaad is het onderscheid

tussen levend en dood, geest en stof, tijd en eeuwigheid niet gerela-

tiveerd, maar wordt, als behorende tot het onwerkelijke, beschouwd

als uiteindelijk niet-bestaand, en daarom afgewezen. De secte der

Baoels (de dwazen om God's wil) vormen hier een extreem door dit

beleven reeds geheel in het aardse vlak te willen bereiken en komen

daardoor voor ieder die anders is, in dwaze botsingen met hun om-

geving. De wijze die samen met zijn hond eet uit één nap, zegt:

,,Vishnu geeft Vishnu te eten, dunkt u dit verwonderlijk?" God is

in alle mensen, niet alle mensen zijn in God en dit is de oorzaak van

het lijden, zo wordt door Yoga ook het einde der smarten in het voor-

uitzicht gesteld. Hoe kan nu het eindige het Oneindige beseffen?

Een pop van zout tracht de zee te doorgronden en dit doende wordt

ze opgelost en vernietigd. Voor de mens wordt dit ,,en gered"!

Hoe Yoga werkt kan men in zeer vele, zeer goede boeken lezen, hoe

Yoga in de westerse praktijk doordringt en verderf zaait, kan men al

306

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955

Studentenalmanak | 370 Pagina's

Studentenalmanak 1955 - pagina 334

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955

Studentenalmanak | 370 Pagina's