Studentenalmanak 1956 - pagina 287
een onvoldoende. Wie onvoldoende haalde, werd naar den lector,
destijds de heer Takken verwezen, wie voldoende kreeg, behoefde
tot de kerstvacantie geen Hebreeuws te volgen. Na de kerstvacantic
nam Kuyper dan al de eerstejaars voor zijn rekening. Hij gaf het
Hebreeuws op een eigenaardige manier. We moesten voor elk
college twee hoofdstukken doen, een bestuderen om uit het He-
breeuws in het Nederlands te kunnen vertalen en het tweede om
uit het Nederlands in het Hebreeuws te vertalen. Uit het laatste
maakten we dan op college een thema, die Kuyper nakeek. Hij gaf
cijfers van I tot III, I was het hoogste, het nageziene werk vonden
we op een tafeltje in de gang.
In den tijd, dat wij de thema's maakten, stond Kuyper op de kathe-
der, had een velletje papier voor zich en schreefdaar van alles op aan-
tekeningen, berekeningen. Soms liet hij die blaadjes liggen en —dan
maakten wij er ons van meester na zijn vertrek uit de collegezaal.
Nog een anecdote. Kuyper wilde steeds een lijstje hebben met de
namen van de aanwezige studenten in verband met de responsie.
In mijn jaar was er een aantal studenten, van wie Kuyper de ouders
en dus de namen goed kende, hun namen zei hij goed. Waren er
echter hem onbekenden bij, dan zei hij ze geregeld verkeerd. Runia
is een heel jaar Prunia genoemd, Netelenbos heette Nonhebel, de
naam van een indertijd niet onvermaard Hervormd predikant.
Ook overigens liep het met die colleges Hebreeuws wat wonderlijk.
Zij waren evenals een college Nederlands of aesthetica (die over
de Nederlandse letterkunde heeft Dr. de Moor later in een soort
leiddraad verwerkt, in mijn jaar gaf Kuyper aesthetica en behandelde
hij de poëzie) op dinsdagmiddag geplaatst. Was er Tweede Kamer,
dan kon Kuyper niet en werden de colleges niet gegeven. We
moesten dan telkens twee hoofdstukken er bij nemen. Dat gaf
wel eens tot moeilijkheden aanleiding, b.v. wanneer we een hoofd-
stuk troffen, dat allerlei namen van dieren bevatte. Nu ja, de uit-
redding was gemakkelijk, dat zou Kuyper toch wel niet vragen,
we deden het niet. Overigens was Kuyper met het Hebreeuws goed
op de hoogte. Ik herinner me, dat hij ons eens op college de tien
geboden liet opslaan en ons sprak over het dubbele accentensysteem.
Het was alles misschien een beetje vreemde metode, maar we leerden
er wel Hebreeuws door.
Bijna alle theologen deden aan het eind van hun eerste jaar propae-
deutisch examen. Woltjer examineerde in Grieks en Latijn, het
ging om de op college behandelde stof. Voor Nieuwtestamentisch
Grieks, waarin geen college werd gegeven, hadden we op het
245
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1956
Studentenalmanak | 446 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1956
Studentenalmanak | 446 Pagina's