Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1956 - pagina 289

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1956 - pagina 289

2 minuten leestijd

die het teken was van het hem in Princeton geschonken eredoctoraat

in de rechten.

Ik schrijf over belangrijke gebeurtenissen in mijn studententijd.

Kuyper werd minister, zijn zoon gaf in zijn plaats anderhalf jaar

dogmatiek, de preekcolleges werden verdeeld. Na veel, heel veel

besprekingen, die voor ons het gevolg hadden, dat telkens de colleges

stil stonden, kwamen Bavinck en Biesterveld, van wie ik nog een

half jaar de gewone colleges heb gehad, van Bavinck langer met

het oog op mijn doctoraalexamen. De overkomst dezer beide

hoogleraren heeft diep ingegrepen in het leven van de theologische

faculteit.

Ik moet eindigen, laat het mogen zijn met een meer algemeen

woord. Ons geslacht heeft een prachtigen studententijd gehad.

Er was zeer zeker wel een en ander, waarin we tekort kwamen.

Ik heb later wel tot mijn schade ondervonden, dat ik in mijn stu-

dentenjaren veel had moeten horen, wat ik niet had gehoord. Maar

dat was in te halen en wat wij kregen, was niet in te halen geweest,

als we het hadden gemist. Het was voor ons de tijd niet van de multa,

doch van het multum, wij zijn gevormd. We hadden de mannen

van het eerste geslacht, die zelf, persoonlijk den groten strijd hadden

gestreden en die ons oog gaven voor de betekenis daarvan en wat

meer is, liefde voor de zaak, waarom het ging. We hebben als

studenten hard gewerkt, in de eerste plaats om het Gereformeerde

te leren kennen. In mijn studententijd las ik alles van Kuyper en

alles van Groen van Prinsterer en ik ben er steeds dankbaar voor

geweest. We hadden meer aan exegese moeten en kunnen doen,

doch we kregen het resultaat van veel grondige exegese en dat

was, vooral toen, van grote betekenis. We werden iets en we konden

iets. Nog ben ik eiken dag dankbaar voor wat ik van mijn leer-

meesters heb ontvangen, dat is in de eerste plaats liefde voor de

zaak des Heren.

247

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1956

Studentenalmanak | 446 Pagina's

Studentenalmanak 1956 - pagina 289

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1956

Studentenalmanak | 446 Pagina's