Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1956 - pagina 388

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1956 - pagina 388

2 minuten leestijd

heeft deze geboren beeldhouwer doen tijgen als schilder, die nu

met het zachte stralende palet effecten tracht te bereiken welke slechts

via hamer en beitel te verwezelijken zijn.

Opvallend in dit gezelschap van professionals is wel, dat de meest

schilderachtige taferelen, mirabile dictu, opgehangen werden door

een zeer verdienstelijk amateur, die echter, waar hij, mede in verband

met de, nog onlangs in verscheidene, hetzij christelijke hetzij niet

op enige levensovertuiging gefundeerde, althans berustende, dag- en

weekbladen vermelde stelling betrekkelijk de handwerksman die

zich, als gevolg van de, hoe langer hoe meer ook in onze kringen

veld winnende, mening omtrent het nut van ver doorgevoerd,

eventueel zelfs meest absoluut specialisme, welk isme echter en

dit behoeft hier nauwelijks gezegd, evenals elk ander isme, uiterst

bezwaarlijk met de grondslagen van het protestantisme te rijmen

valt, bij zijn leest dient te houden, gemeend heeft niet onder eigen

naam zijn doeken in te kunnen zenden, al zijn werken slechts voorziet

van de initialen Prof. Mr. Dr. I. A. D.

In zijn absoluut afwijzen van de punt-schilder-methode („Bruidje"

van Maris !) grijpt I. A. D. naar elk ander leesteken dat binnen zijn

bereik komt. Een zelfportret, geheel uit komma's opgebouwd,

een abstract werkje „Examenvrees" louter geconstrueerd uit

gedachtenstreepjes, een meer causaal doekje, voorstellende „straf-

bare poging tot iets" (vraag- en aanhalingstekens), ziedaar een

greep uit zijn artistieke voortbrengselen.

Dat deze schilder met angst de nieuwe speUing tegemoet ziet.,

behoeft nauwelijks gezegd. Zijn werk zal dan aanzienlijk aan waarde

inboeten.

Over het werk van Jan Wetarink kunnen we kort zijn. Sinds in

Duitsland de zgn. „Baumtest" ontwikkeld is, schildert hij nog

slechts bomen. Mooie, edele bomen weliswaar, bomen die getuigen

zowel van diep bezonken inzicht als van een positieve blijmoedige

levensinstelling, waarbij een vogelnestje dan wijst op gevoel voor

huiselijkheid, bomen,welker ronde, concentrische kronen duidelijk

maken, dat geen enkele nobele aandrift deze schilder vreemd is,

maar toch, het zijn en blijven maar bomen, steeds weer bomen . . .

Twee boompjes meenden de organisatoren van de wanden te moeten

weren (nt. 37 „Arbre nue" en nr. 53 „Puberteitsprobleem der eiken"),

de overige 89 ingezonden doeken werden in een apart vertrekje

342

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1956

Studentenalmanak | 446 Pagina's

Studentenalmanak 1956 - pagina 388

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1956

Studentenalmanak | 446 Pagina's