Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1957 - pagina 262

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1957 - pagina 262

2 minuten leestijd

gezicht kwam — noch wat er verder begerenswaard is. Nu heeft

de schoonheid alleen het deel gekregen om het duidelijkst te stralen

en het liefelijkst te zijn" ^).

Hierop doelt van der Leeuw, als hij „het herkennen der schepping

Gods in de schepping van de kunstenaar" noemt „omgekeerd ana-

loog aan het platonische, een herkennen in hope, niet in feite"

(daarmee is hij niet geheel billijk jegens Plato, omdat de diepe blijd-

schap, waarmee diens werk vervuld is, het verlangen naar toekom-

stige volmaaktheid evenzeer kent als de herinnering aan een schouw-

spel vóór het aardse bestaan'").

In de Phaedrus groeien bij het zien der schoonheid de vleugels

der ziel, die tijdens de tocht gekneusd waren, weer aan. De trans-

positie in het christelijke mag gewaagd worden: de verrukking

waarmee de schoonheid ervaren kan worden, is een voorspel van

de hemelse.

IV. De negentiende eeuw (waarvan we nu misschien juist ver

genoeg af staan om er niet al te onbillijk over te oordelen) kon met

grote stichting spreken over „waarheid, goedheid, schoonheid".

Dat gaat ons niet meer zo gemakkelijk af. De schoonheid heeft het

nog het langst uitgehouden, beschermd als ze werd door de religi-

euze cultus der aestheten. Maar nu heeft ze toch ook „haar gezicht

verbrand". " ) .

Er is zoveel gebeurd. Men heeft de naïeve identificatie van kunst

en schoonheid willen bestrijden door „1' absurde distinction du

beau et du laid"^^) op te heffen. Velen hebben de waarheid, dat elke

kunst op deformatie berust, omgekeerd tot de stelling, dat elke

deformatie kunst is^^). En de kunst, die zo ontstaan is, is de uit-

drukking van een modern miserabilisme geworden.

Vele Christenen schijnen deze kunst bij uitstek of zelfs als enige

geschikt te achten om een besef van creatuurlij kheid en zonde uit

te drukken; vandaar een verheerlijkende „interpretatio Christiana"

van bijv. Chabot en Kruyder. Nu is dit een kwestie van accenten;

als men het verval van de mens wil uitbeelden, vindt men het bij

hen. Men moet zich echter afvragen, of het eenzijdige accent van

deze soort voorstellingen niet te sterk is. Pascal, die toch genoeg weet

had van 's mensen vervallen staat, noemde hem niettemin een ont-

troonde koning. Michelangelo heeft op het plafond der Sistina

Adam en Eva uitgebeeld, terwijl ze vluchten uit het Paradijs — ook

mensen onder de toorn. Wanneer mijn oude Adam deze voorstelling

prefereert boven die van Chabot, is hij tegelijk goed christelijk.

244

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957

Studentenalmanak | 340 Pagina's

Studentenalmanak 1957 - pagina 262

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957

Studentenalmanak | 340 Pagina's