Studentenalmanak 1957 - pagina 230
o m deze opinie, die wel een constatering van feiten Ujkt te zijn,
hier-nadrukkelijk naar voren te brengen. N u nameUjk velen om wat
voor reden ook er toe zijn overgegaan het bestaansrecht van het
K.N.S.S. opnieuw te erkennen is de tijd gekomen die redenen
tot de juiste te maken. Ik zou dit een roeping willen noemen. Een
bekend verschijnsel bij allerlei vormen van nationalisme is het
missionaire besef, het gevoel een roeping te hebben in de wereld.
Meestal is dit terecht en ligt de fout slechts in een verabsolutering
van het eigen goede, waardoor een vrij slechte karikatuur ontstaat
van een in wezen plausibele pluriformiteit.
Zeer kort wil ik het goede en waardevolle van het K.N.S.S. aan
de V.U. en van de overige verenigingen aangesloten bij de Fede-
ratie van Friese Studentenverenigingen aan de andere universiteiten
aanduiden als het teken aan de wand van de zaal, waar de unitaristen
hun valse ideologie construeren en als aanmoediging voor de fede-
ralisten in hun strijd tegen de nationale staat. Federalisme en regio-
nalisme, beide in de goede zin van het woord, ontmoeten elkaar
hier. In de overtuiging nu niet door overdrijving, maar door be-
knoptheid een karikaturaal beeld gegeven te hebben, ga ik over
tot de fata.
De activiteiten van het K.N.S.S. hebben zich het afgelopen jaar
reeds in de bovengenoemde richting bewogen, vooral extern.
Intern hadden enkele belangrijke gebeurtenissen plaats.
O p 2 december, ter diësvergadering, werd het nieuwe bestuur als
volgt geïnstalleerd: D . Runia, praeses; T. Bultsma, ab-actis; J. van
der Lune, fiscus.
Verder werden 12 nieuwe leden geïnstalleerd.
Dat de V.S. en Friesland, ondanks beider vrijheidsstrijd, aanmerke-
lijk verschillen was te constateren uit de diesrede van oud-praeses
S. Ofïringa, die overigens het gangsterdom buiten beschouwing
wilde laten.
Meer direct verband houdend met de fines nationis waren de le-
zingen, gehouden op de zes overige vergaderingen. Mej. G. C.
Boomsma toonde met overtuiging en op overtuigende wijze het ver-
band aan tussen religie en taal; de heer A. H. Blom van Paramaribo
behandelde het Statuut met de West en wist ons achter zich bij zijn
vermoeden, dat het koninkrijk Nieuwe Stijl wel eens niet zo lang
in vorm zou kunnen blijven; de heer A. van der Schaaf vroeg zich
af of Friesland nog plaats biedt voor haar zonen en onze kinderen;
de heer P. Wedzinga voerde ons terug naar de schone tijd, waarin
214
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957
Studentenalmanak | 340 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957
Studentenalmanak | 340 Pagina's