Studentenalmanak 1957 - pagina 37
Tot het pacifisme voelde Pos zich sterk aangetrokken.
In zijn artikelen over socialisme, communisme en pacifisme spreekt
hij telkens felle woorden over kerk en christendom. Voor een deel
moeten die verklaard worden uit zijn teleurstelling over de houding
van de kerk tegenover de arbeiders en de vredesbeweging. Voor
een deel is de kerk dan ook zelf verantwoordelijk voor het feit,
dat Pos zulke felle woorden sprak, al is het mij altijd onbegrijpelijk
gebleven, dat Pos zich niet van de kerk op de bijbel beriep. De
dienst aan de mensheid vindt hij juist daar, waar zij volgens vast-
gewortelde denkwijzen niet kan zijn. Bij hen, die gewend zijn,
zich geesteUjk te noemen, is zij veelal niet en bij hen, die op die naam
geen prijs stellen, juist veelal wel. De geloofsstrijd van vroeger
eeuwen heeft voor Pos zijn inhoud en zin verloren. Het gaat nu
om de strijd voor gerechtigheid en vrede. In die strijd staan in over-
weldigende meerderheid die zich in traditionele zin gelovigen noe-
men aan de zijde van het behoud, terwijl onder hen, die zich niet-
gelovigen noemen, er zijn, die er alles voor over hebben om de grote
zaak der gerechtigheid te doen slagen en aldus het wezenlijke ken-
merk vertonen van wat het geloof altijd is geweest, dat een mens
zich zonder voorbehoud, berekening of vrees laat leiden door een
beginsel. Pos bekommert zich om de mensenwaarden, waaraan het
geloof gelooft, maar waarvoor de toekomstbeweging strijdt. Men
voelt de fijne nuance. Het geloof laat het bij geloven. Pos kiest voor
de strijdbaarheid.
Pos' afwijzing van het christelijk geloof heeft mij door de jaren heen
veel pijn gedaan. Om hem zelf en om de schuld van de kerk, die
zeker niet de oorzaak van deze afwijzing genoemd mag worden,
maar die wel tot deze afwijzing aanleiding gaf en Pos' motieven
tot rechtvaardiging van zijn afwijzing aan de hand deed.
Men kan niet zeggen, dat Pos niet wist wat hij deed, toen hij kerk
en geloof prijs gaf. En toch. . . . toch kom ik er niet onder uit,
dat het een zeer concrete schuld van ons is, dat deze man van ons
heen ging.
Durft iemand zeggen: hij ging van ons heen, omdat hij van ons
niet was?
Ik durf het niet. Over de diepste en laatste motieven van zijn af-
wijzing kan en wil ik niet oordelen, mag ik ook niet oordelen.
Ik heb altijd van Pos gehouden en naarmate ik zijn afwijzing moei-
lijker verdragen kon, hield ik meer van hem. Hij was een goed en
hartehjk mens.
33
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957
Studentenalmanak | 340 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957
Studentenalmanak | 340 Pagina's