Studentenalmanak 1958 - pagina 118
brugbaar zijn en dat ieder de Gereformeerde beginselen op eigen
wijze uitlegt, soms zodanig dat zelfs een anarchist er zich voor zou
schamen. De moeilijkheden, die zich hier voordoen, worden nu
echter nog vergroot of versterkt zo men wil, door de thans plaats-
vindende structuurveranderingen in het Hoger Onderwijs en in
ons studentenleven. Deze veranderingen, die onafwendbaar zijn
en welke men zal moeten accepteren als een nieuw gegeven, dat
men niet ongestraft kan negeren, roepen vaak bijzonder veel
weerstanden op, die zich in grote verscheidenheid en meerdere
vormen aan ons voordoen.
Het wordt mij telkens duidelijker dat het onderscheid, hetwelk
men in de wandeling pleegt aan te duiden met de ambivalente
veelterm ,,voor- en achterkamer", niet zozeer veroorzaakt wordt
door verschil in anciƫnniteit, als wei door een diepgaand verschil
in mentaliteit en een duidelijk onderscheid in opvatting over in-
houd en vorm, welke men aan het studentenleven wenst te geven.
Het ware te wensen, dat men hiervan voldoende doordrongen
was en deze verschillen niet langer negeerde, door zich te hullen
in het langzamerhand versleten pakje van de ,,homo ludens".
Dat er voor de toekomst nieuwe vormen noodzakelijk zullen
zijn, staat wel vast. In dit verband betreur ik het bijzonder, dat
bepaalde groepen in ons Corps, van wie men toch a priori mocht
verwachten, dat zij, gezien milieu en genoten educatie, in staat
zouden zijn om te beseffen dat adeldom verplicht, volstaan met
het genoegzaam vegeteren in eigen kring en weigeren enige ver-
antwoordelijkheid te aanvaarden.
Wellicht een uitvloeisel van bovengenoemde moeilijkheden is het
ontbreken van enige bezieling voor het Corps en van geloof in
eigen mogelijkheden. Veel te weinig blijkt onze studentenmaat-
schappij de bron van allerlei initiatieven, veel te veel toont men
zich indifferent ten opzichte van vernieuwingspogingen. Het is
toch wel opmerkelijk, dat bewegingen, zoals de Interkerkelijke
jeugd Evangelisatie (I.J.E.), de Werkgemeenschap voor Gerefor-
meerde Jongeren (W.G.j.) en Jeugd en Evangelie (J. en E.) om er
nu maar enkele te noemen, het practisch geheel zonder steun
van V.U.-studenten hebben moeten stellen. Terecht is men in
deze kringen pijnlijk getroffen door het geringe enthousiasme,
dat Christenstudenten in Amsterdam weten op te brengen. De-
zelfde lauwheid neemt men waar, wanneer het terrein der cul-
tuur (in engere zin) aan een nadere beschouwing wordt onder-
105
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1958
Studentenalmanak | 378 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1958
Studentenalmanak | 378 Pagina's