Studentenalmanak 1958 - pagina 251
te houden. Een herderlijk schrijven (Kad. B 3251 ctg 257 bis) voor-
kwam een schisma.
Mijn peetoom zelfwas geheel onbekend met de groeiende onrust,
die hij door zijn publicaties steeds weer aanwakkerde; vooral
zijn pikante ,,sintel-theorie" heeft een ware storm ontketend.
Ter illustratie zij vermeld, dat de goede stad Breda (!) dank zij
een geraffineerde voetnoot, op het laatste moment voor een bloed-
bad gespaard bleef
Het is natuurlijk wel waar, dat schaarse berichten uit de beschaafde
wereld mijn peetoom bereikten, maar hij bekommerde zich daar
weinig of niet om en bleef waar hij was: diep in het slinkend oer-
woud van Borneo.
Op zekere dag echter besloot mijn peetoom enige tijd rust te
nemen, zulks op advies van zijn medicijnman, die een verandering
van lucht noodzakelijk achtte voor zijn gezondheid, (rokershoest,
traanoog enz.). Nooit in zijn vruchtbaar leven is deze grote geest
heftiger geschokt, dan op het moment van zijn aankomst te Rome,
alwaar een groot aantal van zijn zeker niet academische tegen- -
standers, zich opgesteld had onder twee spandoeken, die de kwet-
sende leuzen droegen: ,,Robbers is een fikkiestoker" en ,,Pro-
beer niet met o n s de kachel aan te maken!" Bovendien had de
,,leider" van een ketterse jeugdbeweging de smakeloze brutaliteit
hem toe te snauwen: ,,Smeulende Jezuïet, wij motten je niet!"
Slechts met grote moeite slaagden zijn volgelingen (verenigd in
de B.B.B.B. = broeders van het brandend braambos) er in hem
te bewegen een eredoctoraat (Wis- en Natuurkunde) te aanvaar-
den. Zijn rede: ,,Zwaartepuntsverschuivingen in een laaiende
brandstapel" leverde hem ogenblikkelijk twee professoraten op.
Au fond had mijn peetoom Jochum nu verstandig moeten blijven
en slechts één aanbod moeten aanvaarden; niet alleen, dat Rome
en Amsterdam wel zeer ver uit elkaar gelegen standplaatsen zijn,
maar bovendien heeft mijn hooggeleerde peetoom vele malen de
vergissing begaan vanuit Rome felle aanvallen te doen op ene
Prof. Dr. j . Robbers (S. j.!) van Amsterdam, die hém, de ,,Grote
Witte Brander" (Borneoïsch epitethon) voor een onmogelijke luci-
ferverspiller uitmaakte, zonder zich dus te realiseren, dat hij zichzelf
daardoor bestreed en zijn volgelingen in alle staten van wanhoop
bracht.
Zijn vijanden aarzelden niet van deze jammerlijke verwarring
234
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1958
Studentenalmanak | 378 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1958
Studentenalmanak | 378 Pagina's