Studentenalmanak 1958 - pagina 142
werkterrein van de Raad getrokken werd. Valt dit enerzijds toe
te juichen, omdat men hiermee erkent dat de gehele Civitas zich
voor deze voorziening verantwoordelijk behoort te weten, ander-
zijds betekent die verantwoordelijkheid van allen, ook meestal
een verstarring en stremming van het werk, omdat iedereen mee
moet beslissen en praten, ook al is hij niet ter zake kundig. Dit
laatste is een van de grootste gevaren, die de Raad bedreigen. De
meeste onderwerpen, die momenteel aan de orde komen, ver-
eisen een behoorlijke kennis van zaken en zijn meestal reeds na
lange discussies binnenskamers zodanig geformuleerd, dat de be-
sluiten van de Raad vaak een formaliteit dreigen te worden. Een
dergelijke situatie vertoont meestal twee symptomen namelijk
een onbehaaglijk gevoel bij verschillende leden en zeer langdurige
en langdradige debatten. Een oplossing om aan deze verder schrei-
dende tendenz te ontkomen zou een ver doorgevoerde decentra-
lisatie kunnen bieden. Het gevaar dreigt anders dat men de Raad
teveel wil laten beslissen, wat dan meestal tot gevolg heeft, dat
er in het geheel niet besloten wordt. Het resultaat van deze
nieuwe wijzigingen zal nog wel enige tijd op zich laten wachten,
maar mijn inziens betekent deze verandering van koers een stap
in de goede richting.
Mijne Heren, veel van datgene, wat in het afgelopen jaar ge-
schiedde en historie maakte moest onvermeld blijven. Veeleer dan
U te vermoeien met het uitvoerig vermelden van fata en data,
is het mijn bedoeling geweest U een inzicht te verschaffen in de
achtergrond der gebeurtenissen en U te informeren over de pro-
blemen die momenteel actueel zijn en welker oplossing van es-
sentiƫle betekenis zal blijken voor ons Corps.
Aan het eind van mijn jaarverslag gekomen wil ik gaarne dank
brengen aan allen, die dit jaar op enigerlei wijze hebben bijge-
dragen tot en medegewerkt aan een verdere ontplooiing van het
Corpsleven. In het bijzonder ben ik mijn naaste medewerkers
dankbaar voor de wijze waarop wij hebben mogen samenwerken
en voor de grote bekwaamheid waarmee een ieder van hen zich
van zijn taak heeft gekweten.
Tenslotte, dit Corps dat zovelen van ons de mogelijkheid biedt
een goed studentenleven op te bouwen en vrienden voor het
leven te maken, is het waard dat wij besluiten met de aloude wens;
UT VIVAT, CRESCAT ET FLOREAT, CORPUS NOSTRUM!
Ik heb gezegd.
129
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1958
Studentenalmanak | 378 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1958
Studentenalmanak | 378 Pagina's