Studentenalmanak 1958 - pagina 167
Van al deze zaken was het Bestuur zich zo goed mogelijk bewust,
toen het op 9 nov. 1956 als volgt werd geïnstalleerd: mej. A. W.
Brenning, praeses; mej. L. H. Juch, abactis; mej. T. J. Edelman,
quaestrix; mej. P. M. C. Neuteboom, assessor I; mej. J. W. Kuil,
ass. II.
Hoewel de gedachten in die dagen wel zeer in beslag genomen
werden door de gebeurtenissen in Hongarije, betekende het af-
lassen van het lustrum toch wel zeer een anticlimax. Te verheugen-
der was het, dat het samenzijn der V.V.S.V.U., in officieuze vorm,
in lustrumvergadering en in walking supper, op zo stijlvolle wijze
oprechte amicitia vertoonde.
Schijnbaar in tegenstelling tot de gewraakte toenemende onge-
ïnteresseerdheid staat de constatering, dat van deze amicitia dit
jaar steeds kon worden gesproken wanneer de V.V.S.V.U. bijeen
was. In werkelijkheid is het inderdaad zo, dat men zich met toe-
nemend gemak t.o.v. elkaar gedraagt, dat echter bepaald wordt
door een toenemend aan de oppervlakte blijven, resulterend in
een afnemende behoefte aan dit samenzijn. Uit het contact met
elkaar verdwijnt op onrustbarende wijze de gespitstheid, welke,
mits in positieve zin, een conditio voor het bestaan der V.V.S.V.U.
is zonder welke zij alle zin als studentenvereniging verliest. Een
scherpte, welke als kunst dient beoefend en waarvan het leren
waarderen een wezenlijke vreugde en winst moet betekenen voor
ieder, die intellectuele ontwikkeling niet volslagen secundair acht,
Dat dit met name onder de jongerejaarsleden steeds minder er-
kend wordt, dat men deze contactvorm veelal gemakzuchtig ont-
wijkt, moge de ouderejaars, allen zonder uitzondering, aansporen
tot grondige bezinning. Deze situatie is zonder meer alarmerend.
Het is m.i. ook de voornaamste oorzaak, dat het clubbezoek, dat
in veel opzichten haast een georganiseerd karakter droeg, over
het algemeen als onbevredigend werd ervaren.
Deze oppervlakkige verbondenheid manifesteert zich op de club
ook in materiaal opzicht. De stijlloze nonchalance waarmee met
de bezittingen der club wordt omgesprongen, heeft niets meer te
maken met studentikoze achteloosheid. Het zijn ook Uw zaken!
En wederom: een goed clubleven is ook Uw zaak!
In elk geval bleek de club dus groot genoeg voor het normale
clubbezoek. De vergaderingen konden er echter niet behoorlijk
meer plaats vinden en het was op de duur noodzakelijk hiervoor
een zaal te huren. Hoewel dit grote nadelen meebracht i.v.m. het
152
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1958
Studentenalmanak | 378 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1958
Studentenalmanak | 378 Pagina's