Studentenalmanak 1958 - pagina 239
het chaotische en het kosmische, het ontbindend element en het
saambindende. Satan werl<t achter al het chaotische, maar de
opgestane Heiland, die de dood overwon brengt het leven en de
vreugde.
We zijn hiermee genaderd aan een typerende trek in het denken
van Dostojew^ski. De diepste tegenstelling, die hij ziet is die van
dood en leven. De tegenstelling schuld en vergeving, zonde en
genade verdwijnen niet, maar komen in de tweede plaats en dan
nog gekleurd door de eerste antithese.
Dit wordt duidelijk, wanneer wedenken aan de ,,bekering" van de
moordenaar Raskolnikow (Misdaad en straf). Wanneer het schuld-
gevoel hem te machtig wordt moet een belijdenis komen. Zijn
misdaad was de hoogmoed, die hem boven de mensen stelde,
isoleerde van ,,de aarde".
,,Tenslotte ging hij weg en hij wist niet meer waar hij was; maar toen hij
midden op het plein gekomen was, veranderde zijn stemming plotseling, een
al les overheersend gevoel overmande hem — naar geest en I ichaam.
Hij herinnerde zich eensklaps Sonja's woorden: ,,Ga bij een kruisweg staan,
buig voor de mensen en kus de aarde, want je hebt tegen de aarde gezondigd,
en zeg hardop tegen de hele wereld: ik ben een moordenaar!"
Hij begon over z'n hele lichaam te beven, toen hem dat te binnen schoot.
En hij was al zo teneergeslagen door het verdriet zonder uitweg van de laatste
tijd en vooral van de laatste uren, dat hij zich helemaal aan dat nieuwe, geweldige
gevoel overgaf Het kwam over hem als een zenuwtoeval, als een vonkje was
het in zijn ziel gevallen en het omvatte zijn hele wezen als qen vlam. Zijn hart
werd week en tranen sprongen uit zijn ogen. Zoals hij daar stond viel hij op
de aarde neer . . . .
Hij lag op zijn knieën midden op het plein, boog zijn hoofd en kuste die vuile
aarde met een gevoel van geluk en genot. Toen stond hij op en boog een tweede
keer."
Zijn belijden richt zich naar de mensen, omdat däär en onder hen
zijn midaad speelde. Hiermee is hij er nog niet. In Siberië komt de
crisis.
Sonja, is vrijwillig met hem meegegaan. En in de bittere nacht van
zijn vertwijfeling leest zij hem voor, mild en troostend, uit het
Nieuwe Testament. En dan kiest ze de geschiedenis van de op-
wekking van Lazarus. Zij houdt Christus vast, die de doodsnachten
verjaagt: Lazarus, kom uit! Het geloof in het triumferende leven
draagt haar bestaan. Dat is niet een vitalisme in een of andere vorm:
het goddelijke leven. Zij bedoelt het leven, dat door Christus
gewonnen is en aan het licht gebracht.
222
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1958
Studentenalmanak | 378 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1958
Studentenalmanak | 378 Pagina's