Studentenalmanak 1959 - pagina 252
13
wij hebben geen woorden tot onze
beschikking, hen te dwingen
ons te bereiken, maar met welke toverspreuk
bezweren zij ons te leven
als voortdurende antennes
ontvangers van golven uit een ruimte
die wij vrezen? ons huiveren zenden wij uit
als menselijkheid, het is aan allen gemeen.
en kenbaar aan een hand, een ogenblik.
14
al deze dingen zijn vermoeiend als water
het regent op de film van mijn woorden
een snelle schimmel op de muur
van het denken, eeuwigheid
is doodslag als een gong, en tot waar
reikt het geluid? men wordt
het luisteren moe: uw naam vervalt
als een onbewoond huis, de vlag van de stem
is binnengehaald in de avond
mijn woorden zijn een simpel leven voor u
mijn enig dodenoffer.
maar woorden zijn sneller moe
dan vogels, doden trekken hoog over, tussen ons
en het donker blijft een breekbare streep
licht, een smalle bede.
^
234
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1959
Studentenalmanak | 372 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1959
Studentenalmanak | 372 Pagina's