Studentenalmanak 1959 - pagina 106
Hoezeer men ook deze groep het feit, dat ze nog steeds niet zodanig
geëmancipeerd is dat ze een gelijkwaardige partner in de discussie
is, kan verwijten, het zou uitermate onbillijk zijn niet direct te
stipuleren hoe moeilijk de barrières voor haar te nemen zijn,
barrières, die de andere groepering van meet af aan optrekt.
Als voornaamste barricade zie ik het selectieststeem als uitvloeisel
van het disputensteisel. Immers ieder novitiaat opnieuw blijkt
hoe een aantal orat.verenigingen, voornamelijk bestaande uit
leden die althans formeel een zekere bagage hebben meegekregen
van uit het academische milieu, het eigen bezit — op velerlei
manieren — weten te vermeerderen door steeds opnieuw juist
die novieten uit te nodigen, die dezelfde erfenis meebrengen,
door deze coöptatie, het eigen vermogen veilig stellend. Daartegen-
over wordt de aankomende noviet zonder deze academische achter-
grond, veelal verwezen naar die orat. verbanden die hun ont-
staan te danken hebben aan dit doorgevoerd en meedogenloos
egoïsme der andere groeperingen. Dat juist deze verbanden door
structuur en samenstelling het minst geëigend zijn om de nieuwe
leden juist die vorming te geven, die zij in bepaalde opzichten
zo noodzakelijk behoeven, zal U duidelijk zijn. De hier beschreven
situatie roept in velerlei opzicht de 19e eeuw in de herinnering
op. Wanneer daarbij nog te constateren is, dat de groepering die
zoveel mogelijk nog de oude stijl onverkort wil handhaven, uit
angst voor nivellering en besmetting zich zoveel mogelijk isoleert
van de overige leden in het Corps en in een — voor eigen besef'—
,,splendid" isolation haar bestaan leidt, wordt eens te meer duide-
lijk hoe moeilijk deze kloof te overbruggen is, verscherpt door de
reeds gesignaleerde massaliteit. Gelukkig dringt steeds meer het
besef door dat dit diepgaande verschil niet dan rampzalige gevolgen
heeft voor ons Corps. Een oplossing die als ideaal zou poneren
iedere tegenstelling en ongelijkheid binnen ons Corps te doen
verdwijnen zou verwerpelijker en ongelukkiger zijn, dan welk
socialistisch principe ook. Mijns inziens dient ons Corps zich hoe
langer hoe meer te realiseren dat juist in de sociale sfeer — ik
bedoel hiermee in de contacten met elkaar en de positie die men
de ander gunt in deze contacten — de pretentie van ons Corps
als zijnde een vereniging wier handelen als uitgangspunt het geloof
heeft, geëffectueerd dient te worden. Ik ben er van overtuigd,
dat ieder appèl op ieder Corpslid persoonlijk in dezen niet moet
oproepen tot een klaarder, belijnder en orthodoxer formuleren
98
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1959
Studentenalmanak | 372 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1959
Studentenalmanak | 372 Pagina's