Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1959 - pagina 237

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1959 - pagina 237

2 minuten leestijd

schuldige zelf niet de straf behoefde te ondergaan, maar een rem-

plagant kon hebben die natuurlijk door schenkingen schadeloos

gesteld werd. Deze gewoonte nu verkreeg ook burgerrecht in

de christelijke kerk. De Germaan zocht voor zijn zonden een boete-

doener, vaak een priester of monnik die tegen klinkende munt

door vasten en bidden de last der zonde van de schuldige afwentelde.

Het is daarom waarschijnlijk dat de leer van de katholieke kerk

van de thesaurus sanctorum, de schat van goede werken, waaruit

zij kan putten, op deze Germaanse rechtsgewoonte teruggaat.

Ook kon de Germaan zijn overtreding tegenover zijn druhtin

of zijn medemens door geschenken in natura weer goedmaken,

welke praktijk ook in de kerk vaste voet verkreeg. Van origine

is daarom het misbruik, waartegen Luther in 1517 fulmineerde,

de aflaat die heden ten dage in gematigde vorm nog voortleeft,

Germaans.

De ruimte die mij in deze almanak toegemeten is, staat het mij niet

toe nog meer Oergermaanse rudimenten in de christelijke gods-

dienst te signaleren. Ik wil tenslotte slechts nog op enige uiter-

lijkheden wijzen die ad libitum vermeerderd zouden kunnen

worden, aangezien de christelijke kerk zeer vele Germaanse hei-

dense gewoonten en gebruiken, slechts met een christelijk vernisje

bedekt, overnam en daardoor heeft laten voortbestaan.

Zo stoelen vele gewoonten die op de jaarlijks terugkerende chris-

telijke feestdagen heersen, op Oudgermaanse gebruiken. Zij zijn

van origine meestal agrarisch-religieus, want zij hebben veelal

betrekking op de loop der zon als oorzaak van het leven der

vegetatie. Het Christendom heeft de invloed hiervan in sterke

mate ondergaan door ze in christelijke zin te herinterpreteren.

Zo zijn b.v, vele gewoonten van het Kerstfeest kerkelijk anders

uitgelegde vegetatieriten. Reeds in de dagen ver voor de invoering

van het Christendom werd er in de winter een groot feest gevierd,

Jul genaamd, waarvan het hoogtepunt omstreeks medio januari

lag, omdat dan de zon weer zichtbaar begon te rijzen en de dagen

duidelijk langer werden. Men vierde dan de geboorte van het

verjongde licht, van het nieuwe jaar.

Men symboliseerde de wedergeboorte van het licht door het ont-

steken van vuren en fakkels. Het Christendom nam dit feest over

en zag het ontsteken van vuren als een symbool van de overwinning

van het hemelse licht op de aardse duisternis.

Ook de smulpartijen die men heden ten dage met Kerstmis gaarne

221

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1959

Studentenalmanak | 372 Pagina's

Studentenalmanak 1959 - pagina 237

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1959

Studentenalmanak | 372 Pagina's