Studentenalmanak 1961 - pagina 202
den dicht tegen elkaar aangedrukte lichamen paarsgewijs door een enge
ruimte, met lampionnetjes versierd. De atmosfeer was er ondragelijk, de
hitte bestendig.
Het middendek vertoonde alle kenmerken van de aarde. Iedereen consu-
meerde, rustig zittend aan tafeltjes. Een enkeling kaartte om de tijd te
doden. Soms was er wat leven in de brouwerij door een paar potsenmakers.
Greet) e Kauffeld zong dat iedereen het deed en prof. van Dalen (waarom
nu niet gewoon Jan ? Het is de aarde maar) hield een zeer geestig college.
Kortom allemaal gezellig aards.
Boven was de hemel. Daar zaten ook alleen maar genodigden. Net als in de
hemel was ieder versteld over wie ze daar nog tegenkwamen. De profes-
soren zaten er met hun vrouwen, benevens v. Soest, die op de aarde een
tentoonstelling van eigen werk moest openen. De senaat Aertsen ontbrak
ook hier niet en vertegenwoordigde het corps. Maar dat was eigenlijk niet
nodig, want op een enkeling na, die het beneden veel leuker vond, was
F.O.R.V.M, in z'n geheel aanwezig en zong spiritualiën. Hier rookte men
tevreden 20 cents sigaren en wie zich wilde vertreden kon luid lachend
gadeslaan hoe de aardbewoners elkaar taarten toegooiden om daarna ver-
moeid de room van het gezicht te wissen en kort daarna de medemens
in een rioolput te doen verdwijnen. Een overeenkomst tussen het midden-
en het bovendek bestond hierin, dat men in beide gewesten met gemengde
gevoelens smulde van het dagblad „ T r o u w " .
H o u hou stoundountoungroup
Het duurde lang voor we in Kampen waren. O p het dek in de stortende
regen liep een eenzame figuur, naar hij zei, een luchtje te scheppen. N a
lang aarzelen bekende hij waarom hij weg was gevlucht. Z'n conversatie
was op. Hij had alles opgespaard voor die dag. Ja eigenlijk voor het hele
lustrum. Maar het duurde zoo lang. O m half twaalf 's morgens was hij al
aan z'n grappen voor het galafeest begonnen en tegen drieën sneed hij de
autorallystof aan en nu was het half vijf. Alles was op. E n nog geen land
in zicht. . .
Eindelijk toen in de verte groene weilanden zichtbaar waren en de boot
langzaam de mond van een brede rivier op stoomde werden we gepraald
door een snelvarend bootje met politiemannen en jongens met lint en
jacquet. We waren in Kampen. Daar stond een muziekcorps, een veertiental
jongens in stof jasjes en professor G. H . Brillenburg Wurth. Het muziek-
1S8
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1961
Studentenalmanak | 402 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1961
Studentenalmanak | 402 Pagina's