Studentenalmanak 1966 - pagina 80
studeren. Ze i<wamen inlichtingen vragen over één en ander. Zelfs
wilden ze graag mijn mening over de evt. te kiezen studierichting van
het meisje. Meneer: „We hebben verschillende familieleden die gestu-
deerd hebben. Eén daarvan is mijn zwager, een arts. Hij raadde haar
natuurlijk aan geneeskunde te gaan studeren. Dat zou de enige studie
zijn die haar ligt en daar kan ze wat mee beginnen. Maar een andere
zwager van mij, die meester in de rechten is, stond er anders tegenover
en raadde haar aan rechten te gaan studeren en later de advocatuur in
te gaan. Zwager nummer 3, leraar, beweerde op zijn beurt dat het
meisje lerares moest worden."
Door al dat gepraat in de familie wisten deze mensen het zelf niet meer
en kwamen nu bij mij om raad te vragen. Ik dacht even goed na, hoe
moeilijk het onder die omstandigheden ook was, en besloot het meisje
zelf te raadplegen. Zij gaf mij als haar voorkeursstudie psychologie op.
Ik heb toen tegen haar ouders gezegd dat ze dat dan maar moest gaan
studeren, dat leek mij zelf ook het beste. Stomverbaasd keken zij mij
aan en gingen weg.
Later is dat meisje nog bij me geweest om me te bedanken. Ze heeft
met vlag en wimpel haar doctoraal examen psychologie afgelegd.
Dit is zo een van die gesprekken.
Mijn eerste voorganger was de heer P. A. Planque, die deze functie
aanvaardde in 1880. Na hem kwamen de heren F. C. Neuman Jr., B. J.
Mulder, G. van der Steen, G. Koster en B. Faber, die ik in 1926 op-
volgde. De ene generatie komt en de andere gaat. Je hebt zelf het gevoel
dat je ouder wordt, maar toch blijf je jong, omdat je steeds met jonge
mensen omgaat. Steeds komen de groentjes, bij honderden, (cursus 1964-
1965 945 eerstejaars studenten).
Ik kan niet anders zeggen dan dat ik mijn werk met veel plezier gedaan
heb en nog doe. De verstandhouding met hoogleraren en studenten is
altijd bijzonder goed geweest en ik heb de prettigste herinneringen
aan de afgelopen 40 jaar die achter me liggen.
In al die jaren heb ik velen zien komen en gaan. Velen van de thans
dienstdoende hoogleraren heb ik nog als student ingeschreven. Overal
komt men afgestudeerden tegen, zowel in binnen- als buitenalnd. Ik kan
niet anders zeggen dan dat ik vele vrienden heb gemaakt, die me ook
van tijd tot tijd nog eens komen bezoeken, als ze toch in Amsterdam
76
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1966
Studentenalmanak | 506 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1966
Studentenalmanak | 506 Pagina's