Studentenalmanak 1966 - pagina 374
schrijven
Nunc est scribendum.
Het wordt lustrum.
Er is een tijd van lachen, er is een tijd van wenen, er is een tijd van
schrijven.
De redactie wil dat er nu geschreven wordt.
Er zal geschreven worden, lachend, wenend, juichend, turelurend, kla-
gend, snikkend, murmelend.
Nunc est scribendum.
Himmelhoch jauchzend: het wordt lustrum.
Zum Tode betrübt: straks is het weer voorbij.
Er móet geschreven worden.
De redactie wil het.
De sluizen open.
Phantasia effrenanda.
Wat stroomt er door?
We zullen wel zien.
Er moet geschreven worden.
Goed het wordt schrijven.
Schrijven in de lengte en in de breedte, in de hoogte en uit de hoogte,
in de diepte en uit de diepte.
Schrijven in het wilde.
Er is geen onderwerp.
Er is papier, er is inkt, er is een pen, er is een alfabet, compleet in 26
letters.
Er is geen onderwerp.
Het papier ligt blank. Het ligt bereid. Tot alles. Het biedt zich aan:
„vul mij". Het vleit: ,,beschrijf mij".
,,Waarmee dan", zo vraag ik het papier. Er is geen onderwerp".
,,Des te beter, zegt het papier. Dan zijn we samen. Schrijf maar", je
kunt het best. Mooie, sierlijke letters, woorden als arabesken, in een
sympathieke, warme kleur inkt."
366
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1966
Studentenalmanak | 506 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1966
Studentenalmanak | 506 Pagina's