Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Vrije Universiteitsblad 1955 - pagina 55

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Vrije Universiteitsblad 1955 - pagina 55

3 minuten leestijd

In memoriam Professor Mr Nicolaas Okma Voor de tweede maal sedert de bevrijding werd door de dood een der hoogleraren in de juridische faculteit weggenomen op een leeftijd, die men gewoonlijk de kracht van het leven noemt. In 1946 overleed professor Oranje op 48-jarige leeftijd, nu professor Okma, ruim 50 jaar oud. Grote ontroering heeft het overlijden van professor Okma gewekt. Want in het leven van de imiversiteit en ver daarbuiten nam hij een grote plaats in, ook al had hij zich uit bijna alles, wat niet strikt tot zijn werk behoorde, teruggetrokken. Okma was een man van brede blik en buitengewone bekwaamheid. Magistraal kon hij doceren. De scherpte van de jurist wist hij met bekwaamheid te hanteren, maar meer nog lag zijn kracht in de algemeenheid van een beschouwingswijze, die verbanden toont en grondslagen openlegt. Zo was hij de Christen jurist die de lijn uit het Christelijk belijden in zijn werk kon doortrekken. Okma was geliefd. Twee dingen waren aan zijn persoon volkomen vreemd: zichzelf zoeken, en een ander vergeten. I n de laatste jaren zeer belemmerd door zijn ziekte, zette hij ondanks alles door en gaf tot aan de zomervacantie nog colleges. Getekend door zijn lijden, dat niet alleen lichamelijk was, trof hij, door de overgave en de rust waarmee hij aanvaardde, wat God hem oplegde. Zijn taak in dienst van God is hier geëindigd, onbegrijpelijk voor wie die dienst niet ziet voortgezet, maar nu in heerlijkheid. P . J. Verdam

Kimnen wij het voor God verantwoorden die christelijke universiteit te verontzachtzamen? • Moeten wij niet veeleer dankbaar zijn voor het grote geschenk, dat ons daarin te beurt is gevallen? En zullen degenen, die aan die christelijke universiteit op enigerlei wijze verbonden zijn, zich niet moeten inspannen om aan haar te arbeiden niet anders dan als christenen, die begeren in gehoorzaamheid naar Christus te luisteren en naar Hem alleen? Zo hebben wij, dunkt mij, onze taak en roeping te zien met betrekking tot de Vrije Universiteit.

Als instelling heeft zij geen enkele uitnemendheid boven andere. Als zodanig stelt zij niemand onzer in staat christelijke wetenschap te beoefenen en een christelijke opleiding te verkrijgen. Zij heeft enkel en aUeen betekenis, wanneer wij als levende christenen aan haar onze taak vervullen en wanneer wij als levende christenen aan haar studeren. Het is in geen andere zin, dat wij voor de Vrije Universiteit ijveren. En het is met geen andere gezindheid, dat wij ons opmaken tot het vieren van haar jubileum. D. N.

2523

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955

VU-Blad | 132 Pagina's

Vrije Universiteitsblad 1955 - pagina 55

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955

VU-Blad | 132 Pagina's