Vu cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Vu te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Vu.

Bekijk het origineel

Vrije Universiteitsblad 1957 - pagina 3

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Vrije Universiteitsblad 1957 - pagina 3

4 minuten leestijd

'«i^

Moed en moeite Een hulpmiddel om op een bepaald verschijnsel een goede kijk te krijgen, kan zijn het maken van een vergelijking met soortgelijke of verwante verschijnselen. Dat hulpmiddel wil ik in dit artikel eens te baat nemen ten aanzien van de Vrije Universiteit. Want ik moet steeds maar trachten de belangstelling voor haar gaande te houden, of wellicht juister gezegd, de belangstelling, die er voor haar in brede kringen aanwezig is, te bevredigen en te versterken. In die behoefte zou ik hebben kunnen voorzien door te schrijven over het in de grond drijven van de eerste betonpaal voor het ziekenhuis. Maar omdat over dit onderwerp elders in ons blad toch al wordt gehandeld, doe ik verstandig de aandacht op een ander onderwerp te richten, zij het natuurlijk in nauwe samenhang met onze Universiteit. De door mij bedoelde vergelijking heeft betrekking op het aantal der aan haar verbonden docenten en dat der bij haar ingeschreven studenten. Aan het eind van het laatst-afgelopen studiejaar waren er 2139 studenten ingeschreven. Dit aantal is hoger dan in enig vroeger studiejaar stond ingeschreven en het laat zich aanzien, dat deze stijging zich in het ingetreden studiejaar zal voortzetten. Reeds op zichzelf is dat jaar op jaar kUmmend aantal veelzeggend. Maar nog beter valt de betekenis van het bedoelde verschijnsel in het oog, wanneer wij enkele andere gegevens daarnaast in aanmerking nemen. Het heeft tot in de laatste oorlogsjaren moeten duren, voordat in één studiejaar het eerste duizendtal aan ingeschrevenen kon worden vol gemaakt. En dat gebeurde toen ook alleen dank zij de buitengewone omstandigheid, dat onze Universiteit een tijdelijke uitwijkplaats kon bieden voor Leidse studenten. De stijging is vooral in de tien jaren na de oorlog snel gekomen. Natuurlijk hebben de twee nieuwe faculteiten, die der economische wetenschappen en die der geneeskunde, daartoe een belangrijke bijdrage geboden. Nog op een andere manier kan ik de snelle groei verduidelijken. Het aantal van 2139 ingeschrevenen werd sedert de stichting der Universiteit pas bereikt in de loop van het studiejaar 1936-1937. Meer dan vijftig jaren zijn dus nodig geweest om zover te komen als thans ongeveer in vijf of zes jaren wordt bereikt. Want het aantal der momenteel ingeschrevenen vertegenwoordigt, naar ruwe berekening, zes jaarklassen. Nog een andere vergelijking trek ik. Laten wij eens letten op de situatie aan de andere Universiteiten in ons land. Het is mijn bedoeling niet hier een volledige statistiek te verstrekken. Ik beperk mij tot het memoreren van slechts een enkel gegeven. Het blijkt dat, wanneer wij het aantal studenten en docenten

nagaan, onze Universiteit ongeveer gelijk is komen te staan met die te Groningen, wellct- na' die van Leiden de oudste Universiteit des lands is. J a , als ik mij niet vergis, zijn de getallen zelfs iets in ons voordeel. Nu wil ik allerminst beweren, dat de in studenten en docenten grootste Universiteit als de gelukkigste mag worden beschouwd. Maar het wekt voldoening en geeft moed te mogen bemerken, dat onze Universiteit niet meer onderaan op de lijst staat geklasseerd. Ik noem nog een verschijnsel van heel andere aard dan de reeds vermelde. Ik denk aan het leven van onze studenten, dat een beeld vertoont zeer onderscheiden van dat, hetwelk vijftig en nog dertig jaar geleden zich aan de beschouwer voordeed. Alweer ga ik dat niet uitvoerig in alle trekken tekenen. Ik volsta met vermelding van één gegeven, betrekking hebbende op de groep der meisjesstudenten. Onder de opgave van het laatste studiejaar komen zij ten getale van 280 voor, en blijkens het aantal der nieuw-ingeschrevenen is haar percentage, dat reeds een eind boven de tien ligt, nog aldoor klimmende. Wanneer ik dan terugdenk aan mijn eigen studiejaren, toen vrouwelijke studenten slechts als eenlingen voorkwamen, moet ik constateren, dat haar aantal thans reeds dat van al de mannelijke studenten van toen overtreft. De vereniging van vrouwelijke studenten is sterker dan het studentencorps gedurende mijn studiejaren ooit is geweest. Al de hier vermelde gegevens zijn geschikt om moed te geven. Het werk, dat van allerlei kanten in het land werd verricht en de offers die gebracht zijn, waren onder Gods zegen niet vergeefs. De overweging van een en ander brengt er onwillekeurig toe om met dat werken en dat offeren voort te varen. Dit zal ook ongetwijfeld nodig zijn, zelfs in verveelvoudigde mate. Want het spreekt vanzelf, dat een dergelijke groei als die ik mocht schetsen, ons voor tal van problemen plaatst. Met de moed, die bezielend werkt, neemt tegelijk ook de moeite toe, welke de gewekte bezieling opvangt en daaraan een nieuwe taak toekent. Er moet ruimte komen voor het groeiend aantal studenten. Er is behoefte aan nieuwe en grotere gebouwen. Wij hebben mannen nodig, bekwaam en bereid om mede leiding te geven aan de universitaire gemeenschap. Vooral ook, het mag niet ontbreken aan de bewaring van eenheid en samenwerking tussen die toenemende schare, welke opgenomen wordt in die grote gemeenschap. Ik bedoel de eenheid, die beheerst wordt door de hefde voor hetzelfde beginsel en door de bereidheid tot dienen van de Here, in Wiens naam alleen de hulp van onze Universiteit staat. D. N. 2631

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957

VU-Blad | 160 Pagina's

Vrije Universiteitsblad 1957 - pagina 3

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957

VU-Blad | 160 Pagina's

PDF Bekijken