Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Vrije Universiteitsblad 1966 - pagina 105

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Vrije Universiteitsblad 1966 - pagina 105

3 minuten leestijd

en verwonden, maar plotseling bloeit uit zo'n cactus een rode bloem op van ons toestralende christelijke liefde, die het leven verwarmt en moed geeft om verder te gaan. Als wij zulke bloemen zijn, laten we dan de farizeeër en de tollenaar gelijk in ere houden. Na zijn rechtvaardiging zal de laatste wel geworden zijn als de farizeeër. Want die farizeeër gaf 10 procent van zijn inkomen en zag grauw van het vasten zodat hij leed. Laten we daarom bidden: Lieve Heer, wij danken U dat wij niet zijn als andere mensen, want we lijden liever dan dat we leed toebrengen. — Dat was prof. Kuiper. •ir -k -ü „Hoogleraren zijn intrinsiek niets wijzer dan ieder ander, maar van hen wordt wel veel wijsheid gevraagd", zei prof. Verdam in zijn toespraak. We citeren wat hij aansluitend op die opmerking zei; men heeft dan tegelijk een voorbeeld van de fijne en lichtvoetige manier waarop prof. Verdam sprak èn van de actualiteit ook van zijn verhaal. — Van de professoren wordt dus veel wijsheid gevraagd: ,,Allereerst omdat ze met studenten moeten omgaan; dat hoef ik niet nader toe te lichten. Die taak valt overigens wel mee omdat bij studenten ook een zekere wijsheid aanwezig wordt verondersteld; hoe kun je anders met hoogleraren omgaan. Veel wijsheid wordt gevraagd voor de presentatie van ons werk. Wij hebben de opdracht de dingen te doorvorsen en natuurlijk stuiten wij dan telkens op zaken die anders liggen dan wij altijd gedacht hebben. Je merkt telkens dat allerlei auteurs telkens de mening van hun voorganger overnamen; we bouwen allen voort op het werk van vorige geslachten; tot je er achter duikt en ziet dat het ergens toch niet klopt. Vooral de presentatie vraagt dan veel beleid. De profeet die aan de kalief voorspelde dat hij al zijn broers zou zien sterven, zag weldra zijn eigen hoofd aan zijn eigen voeten liggen; de andere profeet die de kalief voorspelde dat hij al zijn broers zou overleven werd hogelijk geëerd. Zo lopen hoogleraren ook liever met omkranst hoofd dan zonder hoofd en u hoort met de kalief liever het laatste dan het eerste, terwijl u best weet dat het het-

Prof. mr. P. J. Verdam zelfde is. En het klinkt vreemd, maar dat gaat op geestelijk terrein soms net zo. Het gelovige hart wil iets zo horen dat het het gelovig volgen kan en dan neemt het veel. Maar dat eist van hoogleraren dat zij een kritische benadering tot een positief, geestelijke presentatie hebben verwerkt. Men moet begrip opbrengen voor wat dat vraagt en men moet een mankement in het presenteren niet direct aanzien voor een principiële afwijking. Toch lag het verschil tussen de beide profeten niet uitsluitend in de presentatie, 'k Heb vroeger weleens gedacht: ligt er voor de wetenschap, ligt er voor de wetenschapsbeoefenaren niet een soort waarschuwende taak. Zij staan op een afstand van het alledaags gebeuren, zij kunnen er afstand van nemen, en zo kan het wel eens typisch op hun weg liggen om de leiders van het maatschappelijke, kerkelijke of politieke leven tijdig te waarschuwen voor te ver doorhalen, voor wat men in het ondernemingsleven noemt: bedrijfsblindheid. Ik geloof dat nog wel, maar met veel meer reserves die veroorzaakt worden door de huidige adresseermanie, de requestenziekte, die weinig meer met wijsheid te maken lijkt te hebben. Men moet, geloof ik, bedenken dat een adres meer invloed heeft naarmate het zeldzamer is. Vaak — heus niet altijd — heeft een niet gepubliceerd adres meer invloed dan een openbare publicatie, die zelden tot een gesprek leidt. Het ondertekenen van een adres dat het bekende rijtje namen bevat.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1966

VU-Blad | 201 Pagina's

Vrije Universiteitsblad 1966 - pagina 105

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1966

VU-Blad | 201 Pagina's