Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1980 - pagina 93

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1980 - pagina 93

4 minuten leestijd

Wl magazine 3

Is er een energiekrïsis? door GuidoLinssen (lid werkgroep "VU en Energie")

Is er een energiekrïsis? De vraag wordt vaak gesteld. Maar men beperkt zich er toe te kijken naar de voorraden brandstoffen om haar te beantwoorden. Men vraagt zich af hoeveel we kunnen produceren, hoelang we nog toe kunnen. Een globaal antwoord is wel te geven. Het huidige wereldverbruik van fossiele brandstoffen bedraagt 6 miljard ton olie-equivalent. De bewezen en waarschijnlijke reserves van olie en gas bedragen 330 miljard ton en van steenkool 3500 miljard ton olie-equivalent. Tenslotte zijn er nog mogelijke reserves: geluiden wijzen op een veelvoud van de bekende reserves. Prof. Odell, bijvoorbeeld, voorspelt dat we overal olie zullen vinden waar we het zoeken. Dat het Midden-Oosten de voornaamste olieproducerende regio is vindt zijn oorzaak volgens hem in historische omstandigheden. Guidü Linssen

Niet goed gezocht Er is een energiekrisis, zo kunnen we begrijpen, omdat we niet goed genoeg gezocht hebben. De vraag naarde omvang van de voorraden kan beantwoord worden: we kunnen nog eeuwen toe. Is er dan geen energiekrisis? Het typeert de Westerse mens dat hij zich niet afvraagt of hij teveel gebruikt maar dat hij zich afvraagt of hij genoeg kan produceren. Het rapport van de club van Rome is van veel kanten uitvoerig gekritiseerd. Maar in één opzicht kan het rapport historisch worden genoemd. Het stelde systematisch ons gebruik aan de orde. Het zette dat gebruik in een historische kontekst. Het liet er de ontwikkeling van zien in de loop der tijd. En daarbij kwam een merkwaardige eigenschap aan het licht: de exponentiële groei ervan in de loop van de tijd. In de eerste 40 jaar van deze eeuw is het beslag op brandstoffen net zo groot geweest als in al die eeuwen daarvoor. Men mag het tot zich laten doordringen . . . In elke 20-30 jaar verdubbelt het verbruik. Odell moge gelijk

hebben met zijn opmerking dat er nog genoeg andere olievelden zijn om te exploiteren: het probleem is echter dat we de voorraden in steeds hoger tempo moeten ontsluiten. De olie-industrieën zijn al op zoek. We kunnen het lezen in de krant: de Indianen worden verdreven in Peru en in Uruguay: men iieeft olie gevonden. Noord-Amerika: Sioux, Cherokee en Dakota bewonen het Noord-Amerika continent al 30.000 jaar. Sinds 500 jaar worden ze Indianen genoemd. Ze hebben nog enkele jaren om het schaarse grondgebied dat hen restte te verlaten. Belangrijke energievoorraden, zo is ontdekt, liggen onder indianen-reservaten.

In het rapport van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid ,,De komende 25 jaar", kunnen we lezen dat de warmteafgifte aan het oppervlaktewater met 60-100% zal toenemen tot een hoogte die vergelijkbaar is met de stookwaarde van 35-60 miljard m^ aardgas. Dat is ongeveer de helft van ons huidige totale energiegebruik! De kans op botulisme (dat griezelige verschijnsel) zal daardoor waarschijnlijk (!) toenemen, aldus de Raad. Het gaat niet alleen om onze direkte leefomgeving. De planeet in zijn geheel is in het geding. Door het gebruik van fossiele brandstoffen olie, gas en met name steenkool neemt het kooldioxydegehalte in de lucht (exponentieel) toe. Het gas werkt als glas: er ontstaat een broeikaseffekt. De temperatuur loopt daardoor op. Hoeveel en in welk tempo? We weten het niet. Wel bestaat het vermoeden dat we diep ingrijpen in klimatologische processen. En in ieder geval weten we dat enkele °C temperatuurstijging het aangezicht van de aarde drastisch zou veranderen. Het mag duidelijk zijn: in steeds hoger tempo brengen we steeds grotere veranderingen aan in onze omgeving: we verkeren in steeds grotere onzekerheid over de steeds grotere gevolgen ervan. Voor een ,,Rentmeesterschap der Aarde" ontnemen we onszelf de tijd. Maar het gaat niet alleen om onze ekologische orde. Daarin school een tekortkoming van het rapport van Rome. Minstens zo groot zijn de problemen die worden opgeroepen in onze maatschappelijke orde.

Steeds grotere gevolgen De centrale vraag moet gesteld worden: kunnen we zorgvuldig te werk gaan om in het groeiende energiegebruik te voorzien? De zwamachtige groei van ons energiegebruik heeft gevolgen voor de ekologische orde die we niet kunnen overzien.

De oliekraan Er loopt een gigantische oliestroom uit het Midden-Oosten naar de hooggeïndustrialiseerde wereld. De omvang ervan zal in de komende jaren nog sterk opzwellen De oliestroom is van levensbelang voor het Westen. Al in 1974 waar-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980

VU-Magazine | 514 Pagina's

VU Magazine 1980 - pagina 93

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980

VU-Magazine | 514 Pagina's