VU Magazine 1980 - pagina 486
I£J MAGAZINE 14 em
„Korte Veridaring'' van termen uit het woonrecM doormr.D.Jalink De regels die in ons land gelden voor huur van woonruimte, staan verspreid over een groot aantal wetten en regelingen. Dat maakt de zaak bepaald niet eenvoudig. Over het woonrecht wordt veel geschreven. Dat is begrijpelijk, omdat het een heel belangrijk onderdeel van ons recht is: wonen behoort tot de eerste levensbehoeften. Het woonrecht is bovendien erg in het nieuws door de verschillende kraakakties en wat daarmee samenhangt. Hieronder volgt ter verduidelijking een „korte verklaring" van de belangrijkste termen en begrippen uit het woonrecht, die in dit verhaal en in andere artikelen voorkomen.
de huurovereenkomst De meeste Nederlanders wonen in een huis dat zij huren van de eigenaar. Dat kan een grote beleggingsmaatschappij zijn of een partikuliere huiseigenaar, maar ook een woningbouwvereniging. Deze is de verhuurder, de bewoner is de huurder en samen hebben zij een huurovereenkomst. Dat wil zeggen dat ze hebben afgesproken dat de huurder de woning van de verhuurder huurt. Op zo'n huurovereenkomst, die mondeling en schriftelijk kan zijn gesloten, zijn allerlei wettelijke regels van toepassing. Die gaan over de rechten en verplichtingen van huurder en verhuurder en over de manier waarop de huurovereenkomst opgezegd moet worden. Al die bepalingen zijn dwingend voorgeschreven: je mag er niet van afwijken. Dit betekent onder meer dat een verhuurder de huur alleen maar op bepaalde gronden en op de in de wet voorgeschreven manier kan beëindigen. Als huurder en verhuurder het daarover eens zijn, zijn er geen problemen: de huurder zal de woning na afloop van de opzegtermijn leeg opleveren. Als de huurder er echter niet uit wil, moet de verhuurder de kantonrechter inschakelen. Pas als die de verhuurder gelijk geeft kan deze de woning zonodig laten ontruimen. Hij mag dat dus nooit zelf doen. Let wel: wat hierboven staatgeldt alleen voorde huurovereenkomst en dus alleen voor de verhouding tussen verhuurder en huurder.
de woonvergunning In grote delen van ons land (vooral in het westen) is de Woonruimtewet 1947 van kracht. In die wet zijn twee belangrijke zaken geregeld. In de eerste plaats is dat de woonvergunning, in de tweede plaats de vordering van woonruimte en gebouwen, die hieronder nog apart besproken wordt. In de Woonruimtewet staat dat het (in de gebieden waar die wet geldt) verboden is woonruimte in gebruik te geven of te nemen zonder woonvergunning. Die vergunning moet men aanvragen bij de gemeente waarin de woning ligt. Voor een woonvergunning komen al-
Mr. D. Jalink.
leen mensen in aanmerking die voldoen aan de regels die de betreffende gemeente daarvoor heeft opgesteld. De woning mag bijvoorbeeld niet te groot zijn, de bewoners moeten een bepaalde tijd in de gemeente staan ingeschreven of ekonomisch aan die gemeente gebonden zijn, enz. Die regels staan in de gemeentelijke woonruimteverordeningen, die van plaats tot plaats verschillen. Voor woningen waarvan de huurprijs boven een bepaald maximum ligt, hoeft men geen woonvergunning te hebben. Nu is het zo, dat op grond van de Woonruimtewet de burgemeester iemand, die zonder de vereiste woonvergunning in een woning zit, kan laten ontruimen. De woning kan dan aan iemand worden toegewezen die wel voor een woonvergunning in aanmerking komt.
ontruiming We hebben hierboven gezien dat een woning op twee manieren kan worden ontruimd. In de eerste plaats kan een verhuurder die van de kantonrechter een ontruimingsvonnis heeft gekregen, de betreffende woning laten ontruimen. Dat gebeurt met behulp van een deurwaarder, die daarbij „de sterke arm", dat wil zeggen de politie, kan inschakelen. De deurwaarder moet die politiebijstand aanvragen bij de burgemeester, die in dit geval verantwoordelijk is voor het optreden van de politie, omdat het hier gaat om handhaving van de openbare orde. Of de burgemeesterde gevraagde hulp inderdaad verleent, hangt af van verschillende dingen. Meestal gebeurt dat wel, maar als de zaak moeilijk ligt (zoals bijvoorbeeld bij de Groote Keijser in Amsterdam) kan er aanleiding zijn om naar een andere oplossing te zoeken. Ook bij de andere genoemde vorm van ontruiming speelt de burgemeester een belangrijke rol. Zoals gezegd kan hij zelfstandig (dus zonder vonnis van een
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
VU-Magazine | 514 Pagina's