VU Magazine 1982 - pagina 287
wr^
den staatssecretaris Van der Doef van Verkeer en Waterstaat reageerde daar op het PTT-glasvezelsymposium op 2 april '82 aldus op: ,,Hoewel niet zo expliciet door de Commissie beleden, wil ik hieruit destilleren dat het technisch beheer van de kabelnetten geleidelijk aan moet overgaan in PTT-handen." Zaltbommel was tien jaar geleden een van de eerste gemeenten in Nederland die gebruik maakte van de door minister Bakker geopende mogelijkheid voor een centrale antenne-inrichting van gemeentelijke omvang. Op de Sint Maartenstoren werd een antenne gehesen, waarop de gehele binnenstad binnen de stadwallen via een eenvoudig aftaknet werd aangesloten. Vol trots werd 6 september 1971 het net geopend. Van alle kanten stroomden belangstellenden van andere gemeenten en bedrijfsleven toe om dat mee te maken. Ook minister Bakker kwam en verder was als feestspreker uitgenodigd de Delftse hoogleraar in de transmissie van Informatie, prof. dr. ir. J. L. Bordewijk, die de jaren ervoor niet zonder ergenis en bezorgdheid de besluitvorming rond de kabel in Nederland had gevolgd. Hij prees in zijn lezing het degelijk uitgevoerde Zaltbommelse net, maar in de discussie die volgde bleef één van zijn woorden dreunend tussen de stadswallen van Zaltbommel hangen: het was, met het oog op de toekomst, een ,,wegwerpsysteem" wat was aangelegd. Deze betiteling wekte ongenoegen bij velen, niet evenwel bij directeur L. D. Krijger van Robert Schmitz BV, die wel eens wat meer wilde weten over de ideetjes voor een toekomst-gericht net, die ontwikkeld waren op de TH-Delft. Hij nam opnieuw contact op met prof. Bordewijk en uit dat initiatief ontstond een innige samenwerking tussen de deskundigen van de TH-Delft en Zaltbommel met als gevolg dat in het kleine stadje aan de Waal thans een uitgekiend kabelnet groeit, dat zijn tijd ver vooruit lijkt te zijn.
Meegroeinet Als op 24 juni 1974 de mogelijkheden van het systeem worden gedemonstreerd, bevinden zich onder de 400 belangstellenden o.a. al vertegenwoordigers van de Duitse en Engelse PTT. Aandacht trekt vooral dat men t.z.t. nog alle kanten met het net uitkan. Het is niet nodig alle investeringen meteen te doen, maar de weg naar nieuwe communicatiemogelijkheden wordt niet bij voorbaat afgesneden of bemoeilijkt. Van een systeem met bescheiden mogelijkheden, gericht op de verspreiding van een aantal radio-en televisieprogramma's kan het naar behoefte uitgroeien tot een net met veelsoortige functies. In 1974 krijgt wat de TH-Delft bedacht dan ook de naam „meegroeinet". Het voldoet technisch aan alle eisen, die de PTT aan de locale netten mag stellen en in april '76 wordt voor de aanleg dan ook een PTT-machtiging verkregen. Toch spoort de toekomstfilosofie achter het net niet met de in die tijd bij PTT heersende denkbeelden. PTT ziet in die tijd de kabel nog uitsluitend als een praktische manier om radio- en tv-programma's te verspreiden.,,Kabeltelevisienetten zijn er uitsluitend voor de distributie, het doorgeven van omroepprogramma's", zegt de hoofddirecteur telecommunicatie van de PTT, ir. P. J. Bakker, nog eens kernachtig vlak voordat in 1974 de kabelproblematiek in het parlement aan de orde komt. Het standpunt had alles te maken met een PTT-belang. Voor veel (niet alle) zgn. nieuwe diensten kon het bestaande telefoonnet ook worden gebruikt. Aan toekomstige concurrenten had de PTT geen behoefte. 260
Sinds de wijziging van de Telegraaf- en Telefoonwet van 1969, die de aanleg van lokale kabelnetten door gemeenten en particulieren mogelijk maakte, was de PTT haar monopoliepositie op telecommunicatiegebied kwijtgeraakt en dat bevorderde de neiging om niet slechts onbevangen na te gaan wat het algemeen, nationaal belang was. Er ontstond ook een zelfstandig bedrijfsbelang dat in het oog gehouden moest worden. PTT was — buiten schuld — in een dubbelrol geraakt. Het frusterende was dat dit zelfs niet kon worden toegegeven. Zelfs particuliere ondernemingen erkennen zelden dat wat ze doen wel eens niet kan stroken met het algemeen belang, laat staan een door ambtenaren gedreven onderneming. Staatssecretaris Van Hulten van Verkeer en Waterstaat neemt PTT dan ook verontwaardigd in bescherming als in het parlement stemmen pleiten voor ,,objectieve voorlichting" van andere lichamen dan PTT. Hij gewaagde van ,,verdachtmakingen".
rthtrt)ro9rorTUT\a s
lotelltetontv engst cerbrrwjing m e t ' [ k r a n t , finooc.eet do^btod »n video;thtek
I j | j
verbir^tfing m«t • [bonk, qiro *n I kocpceritrum j oppask
straoUer bind ing efi
I
lOkole programma's abormctkotwl
computtr-dienstencentrum tb.v dagblad . bonk . «nz
Méér! Dacht PTT alleen aan verspreiding van omroepprogramma's, Philips zag een markt voor weer nieuwere tv-toestellen met legio knoppen. Die waren in tegenstelling tot het soort net dat PTT ontwierp, in het ,,meegroeinet" van de TH-Delft helemaal niet nodig, in dat systeem konden de consumenten langer toe met hun oude 6-knoppen-toestel. Een belangrijk voordeel van wat in Delft was bedacht, was voorts dat het op den duur met het meegroeinet minder kostbaar zou zijn programmasegmentatie door te voeren. Niet iedereen zag toen in hoe dringend noodzakelijk dat in de toekomst zou worden. In de antieke visie gold als toekomstideaal keuze uit minstens 30 tvprogramma's (de capaciteit van het door PTT geprogrammeerde mini-sternet). Hoe meer hoe beter. En weggewuifd werden waarschuwingen dat die programma's wel eens niet gratis uit de lucht konden worden geplukt. Wat moet een kijker overigens aanvangen met een te groot aanbod? Omroepbladen zouden opzwellen tot de omvang van telefoonboeken. Wie al tijd heeft om deze werken door te nemen, heeft in ieder geval geen tijd meer over om ook nog tv te kijken. Onvoldoende werd onderkend dat men dorst naar kennis niet lest door de informatiebehoeftige te verdrinken. In zekere zin is het een daad van barmhartigheid geweest van de Hoge Raad toen deze op 30 oktober vorig jaar een eind maakte aan het sprookje dat de kabelnetten slechts beschouwd moeten worden als een bundeling van een aantal particuliere antennes. In wezen is het een geheel nieuw medium dat tot ontwikkeling is gebracht, waarin ongekende mogelijkheden schuilen. Het kan voeren naar een politiek en geestelijk onvrije samenleving, zoals Orwell 33 jaar geleden in zijn roman ,,1984" schilderde, maar men kan er ook een ,,free flow of information" mee aanwakkeren. Men kan er een proces van ,,ontzuiling" mee bevorderen, zoals de etheromroep heeft gedaan, maar wel terdege is het ook mogelijk er een proces van ,,herzuiling" mee op gang te brengen. Het is allemaal een kwestie van keuze van netconfiguratie, plaatsing van schakelaars en van financieringssystemen. Van de wetgever zal een grote mate van creativiteit worden gevraagd om te bereiken dat op de kabelnetten zich een even grote mate van communicatievrijheid ontwikkeld als op het gebied van de drukpers en de huidige omroep. Het meegroeinet in Zaltbommel bevat een sluimeren-
£>=^m«,
voudig lospunt
meervoudige ationneekobeLS
Rechts: een vroege schets van het Bommelnet. Onder: Een van de voorgenomen experimenten is huiswerkbegeleiding van zieke schoolkinderen door leerkracht in de school
vu-Magazine 11 (1982) 7 en 8 juli-augustus
jiur de capaciteit van maar liefst 180 kanalen, maar geen van de ontwerpers had het idee iemand blij te maken met evenzoveel omroepprogramma's. Wie in Nederland abonneert zich op alle kranten en tijdschriften? Zelfs wie schatrijk is prakizeert daar niet over. Geen tijd. Hij bestelt enkele periodieken en houdt de rest voor gezien. Op dit te verwachten gedrag is het Bommelse net eerder gebaseerd. Slechts een beperkt aantal omroepprogramma's waaronder die van de Nederlandse omroepen wordt naar alle aangeslotenen op de kabel doorgestuurd via de ,,gemeenschapskanalen". De rest volgt naar keuze en tegen betaling. In de praktijk zal dan wel blijken waaraan behoefte is en waaraan niet. Zeker wanneer over enkele jaren de omroepsatellieten gaan verschijnen, is in Zaltbommel op eenvoudige wijze vast te stellen wat doorgekabeld moet worden en wat niet. Het zal wel blijken uit het aantal bestellingen.
I
Verspreiding van omroepprogramma's (distributie) is overigens niet de meest interessante mogelijkheid die het Bommelse kabelnet biedt. Eigenlijk is dat alleen maar ,,meer van hetzelfde". Ook de lokale tvomroep waarmee men in Zaltbommel wil beginnen, zal buiten het stadje waarschijnlijk nauwelijks aandacht trekken, zelfs als het een succes wordt. In beginsel is dat niets nieuws.
Nieuwe diensten Veel interessanter is wat men in Zaltbommel zal weten te ontwikkelen aan ,,nieuwe diensten" van 261
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1982
VU-Magazine | 484 Pagina's