Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1982 - pagina 173

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1982 - pagina 173

2 minuten leestijd

E ^ ^

WMaff binnenland , ^ — ^

NIET LEUK VOOR MEISJES ' KLOKKESTOEL 'iVTTGELVID

NUHKOEH — Mekjm «tjB IJveriger aar demnMr dan Jaaceas. «•HM—«i« eet»

Wl)MllHI»Ot p. liieiifclw b«ta

Proefschrift TolfMM MH mMTdcrheld Vw da M) ^ KMfcpraaf bttnikkc» OBderwtJsers «m lenurm ttja inel«)«« Biet mOmn dommer «n |)v«rlg«r dw*

•choiw •w«li» wat*»

Wie is er dom? „Onderzoek: meisjes dom" plaatste het Algemeen Dagblad 'n tijdje geleden als kop boven een verhaal. Die kop klopte niet erg. Blijkbaar voelde het AD zelf ook nattigheid, want diezelfde dag zagen we nóg een AD liggen waarin een andere kop boven het verhaal stond: „Niet leuk voor meisjes." De redaktie had blijkbaar kans gezien deze misser in een deel van de oplage nog recht te zetten, maar de rest was hetzelfde gebleven. De fout bleek overigens te herleiden tot een ANPpersbericht waarboven een domme kop was gezet. 'Trouw' berichtte trouwens wel goed: 'Leericrachten vinden meisjes dom'. Groot was onze verbazing inmiddels wel. We kregen op ons bureau hetzelfde persbericht als 't Algemeen Dagblad en het ANP maar maakten er heel andere dingen uit op. Genoemde krant zag

echter kans een aantal gevestigde vooroordelen te herbevestigen die, zo maakten we op uit het persbericht, nu juist bestreden moeten worden. Het persbericht kwam van de Katholieke Universiteit Nijmegen en ging over een onderzoek van de onderwijssocioloog Paul Jungbluth die eind februari promoveerde op een onderzoek onder meer dan duizend leerkrachten van de hogere klassen van basisschool, het lager beroepsonderwijs, het lager huishoud- en nijverheidsonderwijs, het mavo, het havo en het vwo. Zijn konkiusies waren hard: een zeer ruime meerderheid van de leerkrachten vindt meisjes „ijveriger, kwetsbaarder, volgzamer en dommer dan jongens. " Voldoet een meisje niet aan dit cllché-beeid, dan vindt een aantal leraren dat zelfs 'hinderlijk'. De meesten zien ook helemaal geen probleem in

ia dat niet. Het vraact een br»> da oiUnUtle waar ] • veal kaaten me« ttlt kunt.'' Decaan A. Tbnaaa Tan da "fkaadiolcagraiaanBehu ta ^)pel la kat daar BM* «aMB. -Een pretpakket la Blat alaekta maar een pakket soadir aatncnhaof la "fd*''f voer do kandidaat. Daar laoaC op friat worden.'' Volfana Tlmana aoorcB m e l l ^ Inde lac«r« Uaa•en door him IJver aema wat hoger waardoor ze tater mtf •en 8tl^4c tentir f*"-' Da elïw<--

Onderzoek: Ze gifii dommer B dan jongens m^ÊÏ gmm graUr* domoren

de vervelende gevolgen van sekseverschillen, vooral de leraren die CDA en W D stemmen. Paul Jungbluth schreef z'n proefschrift om een bijdrage te leveren aan de bestrijding van vooroordelen en rolbevestigende praktijken. De meeste meisjes verlaten de school nog steeds met een lager opleidingsniveau dan jongens. In het lager beroepsonderwijs kiezen meisjes meestal voor huishoudelijke vakken en jongens voor een beroepsopleiding. Op het mavo, het havo en het vwo kiezen meisjes vooral talen en laten vakken als wis- of natuurkunde schieten. Slechts dertig procent van de leraren is voor een werkelijke roldoorbreking, opdat vrouwen niet vanzelfsprekend met een verzorgende taak worden belast. Twintig procent is daar zelfs heel duidelijk tegen, een groep die nog groeit tot dertig a veertig procent als het onderwijs daaraan zou gaan meewerken. In het onderwijs is ondanks enkele emancipatiegoiven nog

Studentes aictief in natuurwetenschappen In maart 1980 werd in Utrecht een landelijke dag gehouden voor studentes in natuurwetenschappelijke en technische richtingen. De vrouwen praatten met elkaar over de ervaringen die ze opdeden tijdens hun studie, over de reakties die ze krijgen op de mededeling dat ze een exact vak studeren, over de problemen die je krijgt als je tot een klein klupje vrouwen op de fakulteit behoort. Die dag was een groot sukses. Inmiddels zijn in verscheidene universiteitssteden groepen van vrouwen in de natuurwetenschappen opgezet. In Groningen verenigden zich de studentes biologie en de scheikundestudentes. In Amsterdam, Nijmegen, Utrecht en Wageningen zochten de aanstaande biologes kontakt. Aan de VU draaien daarnaast ook

vu-Magazine 11(1982) 4 (april)

groepen wis- en natuurkundestudentes. Deze groepen bespreken persoonlijke ervaringen, maar ontwikkelen ook plannen voor vrouwgericht wetenschappelijk onderzoek. Een aantal ideeën is al uitgevoerd, zoals (in Groningen) een enquête onder afgestudeerde vrouwelijke scheikundigen en een onderzoek naar de pakketkeuze van vrou-

welijke VWO-leerlingen. Waarom kiezen ze wél of juist niet exacte vakken? Uit het eerstgenoemde Groningse onderzoek blijkt dat bijna de helft van de afgestudeerde vrouwen in het onderwijs terecht komt, tegen een kwart van de mannen. Nog een paar voorbeelden: biologiestudentes uit Utrecht schreven een geschiedenis van de' pil en kwamen tot enkele

paar mel«)eo die naar het bidtcnland willen. Dat heeft toch aleto ta maken met het geJJlö*. roUcBiiMroen.'* Ook desa decaan beeft ger vecvddUcn In de vcrataatf' ke varmoge en malajea kunnen

Niet»

maar bitter weinig veranderd. Praktijken en doelstellingen lijken nog heel erg veel op die van het vroegere meisjesonderwijs, dat op de „eigen aard" van het meisje was toegesneden. Meisjes worden op school vaak 'ontzien': ze hoeven zich niet tot het uiterste in te spannen, ze worden aangemoedigd om 'niet al te moeilijke vakken' te kiezen. Daardoor geloven meisjes dat ze voorbestemd zijn voor een t>epaalde 'vrouwenrol' en gedragen zich daar dan naar. Meisjes dommer? Het blijkt juist dat meisjes gemiddeld de school voorbeeldig doorlopen: ze scheppen weinig problemen, blijven minder vaak zitten en halen betere cijfers. Maar, aldus Jungbluth, als ze van school afkomen staan ze zwak, want ze zijn In overgrote meerderheid niet gewapend om traditionele patronen te doorbreken. En de school mag zich volgens hem niet voor dit feit verontschuldigen.

opmerkelijke bevindingen. De vrouwengroep biologie uit Groningen onderzocht allerlei vooropgezette meningen over de moeder-kind-betrekking, zoals die in biologiekringen de ronde doen. Zo hoor je vaak dat de natuur leert dat de moeder onontbeerlijk is in de eerste levensjaren van een kind, terwijl het zonder een vader nog wel zou gaan. Nader biologisch onderzoek, aldus de Groningse vrouwen, leert echter dat dit argument geen steek houdt. Al deze gegevens kwamen naar voren op een reeks lezingen aan de VU over onderwijs en maatschappij. Bij die lezingen verscheen een dokumentatiemap (aanvragen: Sekretariaat GMAN, tel. (020) 5 48 41 29). Wil je meer weten over vrouwengroepen rond exacte vakken, neem dan kontakt op met Annemarie van de Vusse, tel. (020) 25 76 91 (thuis) of (08370)8 38 27 (werk).

159

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1982

VU-Magazine | 484 Pagina's

VU Magazine 1982 - pagina 173

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1982

VU-Magazine | 484 Pagina's