Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1982 - pagina 456

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1982 - pagina 456

5 minuten leestijd

„Hier belandt men in de randgebieden der psychopathologie. De hele beweging is een merkwaardig voorbeeld van de verdwazing van bepaalde primitieve, ongeletterde geesten, die desondanks (of misschien juist daardoor) een emotioneel overwicht uitoefenen op ontwrichte zielen, die noch in Schriftkennis noch in inzicht enige tegenweer bezitten tegen de harlekijnerijen van satan, leder wil de profeet uithangen, zo dom en zo duister als hij is." Deze woorden zijn gewijd aan de beweging van Lou de palingboer, de onsterfelijke — inmiddels overleden en in het vergeetboek geraakt —, die meer nog door zijn veelwijverij dan door zijn leer ruime afkeer oogstte. De woorden zijn te vinden in een boekje dat meer dan twintig jaar geleden werd geschreven door drs. A. B. W. M. Kok, getiteld „Verleidende geesten". Hij behandelt erin „de allernieuwste manifestaties van het sektewezen", die alle één ding gemeen hebben: het zijn ,,anti-schriftuurlijke bewegingen", dwaalleren en daarom gevaarlijk, want,, u/Ysafan ". In deze tijd heeft drs. Kok een waardig opvolger gevonden in de bekende tv-missionaris Sipke van der Land, een begrip voor sektenbestrijdend Nederland, een steen des aanstoots voor degenen die niet alle nieuwe religieuze bewegingen bij voorbaat op één hoop willen gooien. Ook voor,,sekten" geldt: niets nieuws onder de zon, ondanks de indruk die snel ogende, vlot gebekte en modern gecoiffeerde sekten bestrijders wekken, als zou het gaan om nieuwe fenomenen die de onbedorven jeugd als rattenvangers van Hameien steeds meer in hun macht krijgen. Het etiket,,nieuw" is misleidend. Zo stoelen de oosters georiënteerde bewegingen veelal op de traditie van de oude wereldgodsdiensten als hindoeïsme en boeddhisme. En bovendien is een kijkje in onze eigen kleurrijke, kerkelijke historie voldoende om aan te tonen dat het vóórkomen van soortgelijke bewegingen van alle tijden is. Neem de millenaristische bewegingen die de eeuwen te zien gaven, de wederdopers, zie ook de vrijdenkers en theosofen, de collegianten en gichtelianen, de plockhoyisten en Zwijndrechtse nieuwlichters en ai die andere bewegingen en stromingen die de Groningse hoogleraar J. Lindeboom al in 1929 rangschikte onder de,,Stiefkinderen van het Christendom".

Perverse padvinders In de afgelopen jaren zijn het vooral de media geweest die de ,,nieuwe religieuze bewegingen" een overdaad aan aandacht gaven. Een verheviging en verharding in de berichtgeving kwam met de al dan niet vrijwillig gekozen dood van honderden aanhangers van de People's Temple in Jonestown, nu vier jaar geleden. In al die jaren was de publiciteit in ons land voor alle bewegingen zonder uitzondering negatief. En dat is, nog afgezien van het incident in Jonestown, niet verwonderlijk. Er zijn drie hoofdstromen aan te wijzen in de reacties op het verschijnsel ,,sekte", die ieder voor zich een oorzaak van die negativiteit tonen. Ten eerste is daar het neusophalend afwijzen van het 414

progressieve deel der media, ingegeven door een sceptische en cynische verwatenheid tegenover al wat in onschuld nog gelooft ,,iets moois en groots" te kunnen verrichten en een ingebakken wantrouwen jegens al wat riekt naar volksverlakkerij. Men spreekt hier, bij voorkeur denigrerend, van „snoepzieke goeroes" en,,perverse padvinders van de geest". In de tweede plaats is er de niet te onderschatten rol die hetgebruskeerde burgerfatsoen speelt in bepaalde media. In een land waar het bekommerde menstype overheerst en waar grijs de favoriete kleur is, vallen in oranje gehulde jongelui die blijmoedig over straat hupsen al snel uit de toon. Ten derde zijn er de bestrijders — en vaak de meest fanatieke — die vanuit een eigen rotsvaste geloofsopvatting de dwaalleer aanvechten. Juist aan die kant wordt het accent gelegd op de gevaren die aan ,,sekten" zouden kleven, voor de geestelijke gezondheid van de leden en voor de maatschappij als geheel. Het woord ,,hersenspoeling" raakt hier in zwang om de angstaanjagende omvang van het risico te benadrukken. Een woord dat z'n uitwerking niet kan missen omdat het stamt uit de koude oorlog, gebruikt om de perfiditeit van het communisme aan te geven, wanneer westerse spionnen bij terugkeer van achter het ijzeren gordijn overtuigd bleken van de voordelen van het marxisme. De anti-stemming tegen,,sekten" neemt de vorm aan van een heksenjacht wanneer volk in 't achterland, bang gemaaktvoordeze stadse buitenissigheden, de brand steken in een door de Bhagwan-beweging aan te kopen pand, ergens in de provincie.

Fanaat Onbetwist kampioen van de sektenbestrijding wordt Sipke van der Land wanneer hij voor de NCRV-televisie, onder het motto ,,Niet te geloven", wekelijks een vermeende beerput opent van telkens een andere sekte. Vreemd genoeg oogsten zijn programma's het omgekeerde resultaat. De sterk dogmatische en bevooroordeelde aanpak roepen meer weerstand dan instemming op bij het publiek. Het weerhoudt Van der Land er niet van zijn weerzin tegen ,,sekten" ook in boekvorm wereldkundig te maken. Het bij Kok uitgegeven werk,, Oe/7e/'senspoe/ers" is er één van. Een blik in de inhoudsopgave laat al weinig meer over aan de fantasie van de lezer als het erom gaat de houding van de auteur te ontdekken ten opzichte van nieuwe religieuze bewegingen: „Duizenden jongeren gegijzeld." „Moderne slavernij." „Veranderd in fanaat." „Hemels bedrog." „De geest gesloten." ,,Niet meer zelf denken." „Geestelijke marteling." „Ontmanteling van de persoonlijkheid." Ziedaar een willekeurige greep uit de koppen die Van der Land de paragrafen in zijn boek meegeeft. Het ontneemt de geïnteresseerde leek bijkans de lust tot verder lezen. Maar de vragen blijven hangen: wat is er waar van al die indianenverhalen? Zijn ,,sekten" nu wel of niet gevaarlijk? Is dat,,deprogrammeren" wel zo onschuldig? En bovenal: op wie is de term ,,sektegek" nu meer van toepassing, op de volgelingen van de goeroes of op hun bestrijders...?

Lou de palingboer: hariekijnerijen van satan (uit „Verieidende geesten" — Kok, Kampen)

vu-Magazine 11(1982) 12 december 1982

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1982

VU-Magazine | 484 Pagina's

VU Magazine 1982 - pagina 456

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1982

VU-Magazine | 484 Pagina's