VU Magazine 1982 - pagina 143
E^
VU-planologen onderzochten gevolgen verkeersplan
Minder auto's: geen Map voor Groningen Zo'n vier-en-een-half jaar geleden trad in Groningen een ambitieus plan in werking om het autoverkeer in de binnenstad aan banden te leggen en het leefmilieu in allerlei opzichten te verbeteren. Voor planologen een ideale kluif. Werkt zo'n verkeerscirculatieplan (VCP) goed en wat zijn de gevolgen? De vakgroep planologie van het Geografisch en Planologisch Instituut aan de VU voerde een dergelijk (verkennend) onderzoek uit, waarvan het tweede gedeelte onlangs is afgesloten. In het eerste deel werd gekeken naar het reilen en zeilen van de binnenstadsbedrijven vóór de invoering van het verkeersplan en de eerste maanden erna. Het tweede deel behandelt het tijdvak januari '78 tot februari '80. Ook is gekeken naar het binnenstadsmilieu als geheel. Met de invoering van het VCP werd de binnenstad als een taart in vieren gesneden, althans voor de auto's. Zo ontstonden vier schiereilanden die de auto's alleen kunnen bereiken en verlaten via een soort rondweg om de binnenstad, de Diepenring. In tal van straten werd eenrichtingsverkeer ingesteld. Deze maatregelen maakten doorgaand autoverkeer vrijwel onmogelijk. Voetgangers, fietsers en bussen mochten zich verheugen in nieuwe wandelgebieden, meer fietsstroken, vrije busbanen en een fiks aantal nieuwe halten. Parkeren werd een stuk moeilijker: de auto's moesten het met ruim 200 parkeerplaatsen minder doen. De prijs van de overgebleven plaatsen ging hier en daar omhoog of de automobilist mocht z'n blik minder lang laten staan. Kosteloos parkeren werd afgeschaft. Als tegemoetkoming aan de autorijders werden twee parkeergarages geopend. De gevolgen voor het verkeer konden vooraf wel worden voorzien, maar voor tal van andere aspekten, zoals het winkelbezoek, de waardering van de binnenstad door bezoekers, het huizenbestand en de levendigheid van
De gevolgen waren moeilijk te voorzien 128
de oude stad was het VCP een sprong in het duister. Het Groningse gemeentebestuur en het rijk moedigden daarom tal van onderzoekers aan om dit soort gevolgen in beeld te brengen. Aan de hand daarvan kunnen de bestuurders tot een waardering komen. Het belangrijkste oogmerk, minder
blik in de oude stad, is werkelijkheid geworden. Van elke vijf auto's die voorheen door de kern van de binnenstad reden, zijn er nog vier overgebleven. In de binnenstad als geheel rijdt nu minder dan de helft van wat er vroeger aan auto's reed. Beduidend meer mensen gaan nu met
de bus naar de stad. Daarentegen komen er iets minder bezoekers op de fiets. Ook gaan minder mensen lopen naar het centrum. Waarom dat zo is, laten de onderzoekers hier in het midden. De auto's mogen het binnenstadsbeeld dan minder overheersen, in de rest van de stad is het veel drukker geworden, vooral op de Diepenring (anderhalf keer zoveel auto's) maar ook in de wijken daaromheen (19 procent meer auto's). De kern van de binnenstad telt nu meer bezoekers dan voorheen, niet alleen op zaterdagen (gestegen met 37 procent) maar ook doordeweeks (gestegen met 10 procent). Dat verhoogde bezoek is wellicht mede een gevolg van de nieuwe plaats van de markt, die in het kader van het verkeersplan naar de binnenstad verplaatst werd. De bezoekers, zo blijkt uit enquêtes, vinden de binnenstad veel gezelliger dan vóór de invoering van het verkeersplan.
Groningers vinden binnenstad gezelliger geworden De binnenstad is schoner geworden, maar de milieuhinder heeft zich nu naar de omliggende wijken verplaatst. De VU-onderzoek(st)ers besteedden bijzondere aandacht aan de winkels, bedrijven en instellingen in de binnenstad. Ze waren benieuwd naar de gevolgen op de omzet en de omvang van het bezoek. Ook wilden ze weten hoe de ondernemers reageerden. Gingen ze meer of minder investeren, pasten ze de aard van hun koopwaar aan, of verplaatsten ze hun bedrijf naar elders in de stad? Lastige vragen voor de middenstanders, zo bleek de onderzoekers. Het bleek hen vaak onmoge-
lijk om de gevolgen van het verkeersplan precies aan te geven. Het gedrag van de ondernemers is medebepalend voor het binnenstadsmilieu. Ook daar hebben de onderzoekers naar gekeken. Zo'n 200 bedrijfsvestigingen werden benaderd. Gekeken werd naar de harde cijfers en daarnaast naar de opvattingen van de ondernemers, zoals die zich in de tijd van het onderzoek (januari 1978 tot februari 1980) ontwikkelden. De uitkomsten werden vergeleken met de resultaten van het eerste onderzoek (januah 1976 tot februari 1978). De gevolgen voor de ondernemers zijn negatief, maar minder negatief dan vlak na de invoering van het verkeersplan, toen een kwart van de ondernemers reden tot klagen meende te hebben. Die 25 procent was begin 1980 gedaald tot 14 procent. Ook andere ondernemers gaven aan dat de negatieve invloed op hun omzet aan het verminderen was. De middenstand lijkt zich langzamerhand te herstellen
Inrichting van de verkeersruimte in de binnenstad sinds het VCP
wV>
Sectorgrens voor de auto Eenrichtingsverkeer auto Parkeerconcentratic Diepenring Busstroken Bus tegengesteld Voetgangersgebied.
Groningen in een nog autoloos tijdperk
VU-Magazine11 (1982)4(aprit)
vu-Magazine 11 (1982)4 (april
129
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1982
VU-Magazine | 484 Pagina's