VU Magazine 1982 - pagina 202
en distributiekantoren verschijnen nadien evenwel onder de kop „Ons guerillafront". „Deze guerrillakrijg gaat met grote gevaren gepaard en hij kan alleen op een technisch verantwoorde wijze worden uitgevoerd. Maar hij is onze strijd en deel van Neerlands vrijheidsworsteling. Wij verklaren ons er solidair mee". QuW '43). Oktober '43 brengt Trouw een „eresaluut" aan 10 geëxecuteerden in Assen (zie bericht QP omslag), die gewapende overvallen pleegden op distributiekantoren. En in november '43 schrijft het onder de kop „Gewapend verzet", overtuigd te zijn dat in sommige gevallen „doden gerechtvaardigd is" (verraders). Maar grote terughoudendheid is geboden. „ Wij huldigen beslist niet het standpunt, dat de totale oorlog voor ons als burgers betekent gewapend verzet. Er is hier daarom goed onderscheidingsvermogen en evenwichtigheid onontbeerlijk". Maart '44, een jaar na de felle veroordeling van de moord op Seyffardt wordt in een artikel van Van Ruller, „Het goed recht van de overval" de ontwikkeling afgerond. Eris in ons land een guerrilla-krijg. „Zo vecht Nederland met de wapens in de vuist en met het oog op Godgericht".
Eenige weken geleden heeft een nieuwe strijdwijze in Nedcrll haar intocht gedaan: De politieke moord. Dat strijdmiddel was bij ons even weinig in zwang, ah in E n ^ land, in Zwitserland, in de Scandinavische landen. Het b e h o o l meer bij volken, die op. een lagere trap van ontwikkeling staan. IiP Rusland en in de Balkan behoorde- de sluipmoord van ouds tot de 1 vaste instellingen op staatkundig gebied: in Duitschiand ging de opkomst van het nationaal-sociatisme gepaard met reeksen vaa moorden. Nu blijkt, hoezeer de oorlog ook bij ons het zedelijk oordeel het zedelijk besef uit het spoor heeft gebracht. Het ergste is .niet | dat er enkelen gevonden worden, die naar het moordwapen g^'lpcn. erger is. dat zoovelen, van wie beter verwacht mocht worden. 1 aarzelen de daad te veroordeelen of haar vergoelijken, of zelfs goedkeuren. «^ Heek dan het achtste gebod zijn kracht verloren? Het is toch | klaar en duidelijk, dat dit verbod overtreden is. W i e in oprechtheid en eenvoud begeert naar Gods geboden te leven, gevoelt dit. Hij zou zich daardoor laten weerhouden, wanneer hij de kans kreeg om zonder vrees voor ontdekking een of meer vijanden of iandver- | raders om te brengen. Maar is het niet natuurlijk, dat men zich verheugt, wanneer een ! landverrader krijgt, wat hem toekomt, wanneer een onderdrukker \ t den weg geruimd wordt? Natuurlijk is het zeker. Ten deele komt ide echter voort uit de oude natuur van den mensch. uit haat en w a a k z u c h t die een welkome voldoening vinden, zonder dat men zelf zijn T^fidcn behoefde vuil te maken. En voorzoover die vreugde reehtmatig'^l»»» houdt zij geenszins in goedkeuring van den moord. Men verheugt zich o'mi de gevolgen, maar de zedelijke bcoordeeling van de daad hangt niet af van dg gevolgen maar moet haar grond vinden in de wet Gods. Het doel heiljm de middelen niet. ' ^""^^^^ Maar staat het wel vast. dat het gebruikte midde! verbodenwfc». Er zijn toch omstandigheden onder welke de wet haar cisch laat vallen, haar veroordeeling inhoudt. Een daad, die door noodweer geboden is. of door den nood opgelegd is, vindt daarin haar rechtvaardiging. Wij moeten nagaan, of zulk een geval zich hier voor doet. Wij moeten elke drogreden onder de oogen zien, waarmede de boozc wr.nakzucht zich deugdzaam on edel, althans schuldeloos zoekt te praten. erking nog vooraf. Haar kracht ontleenen deze drog•"• ' d^t men de conclusie zoo gaarne voor juist neergcschotene alles eerder was dai •Ivien van de daad zich ver- 1 ^ daad niet aan, , ^ j t p n d e n om 1 'Pgebouwd, .^ vuurlinie ' ^ in den' • . c- dan ^ ^ f is- ons -^^ ,recht '"^ar éénl 9^at n
«l.e" ' " ' ""•"'••"ft
••"'JtedssWid'••' " ' • ' « ' » « ' llket'""'!"
^ " U M Zorll
*""•'•*• <<=' • "•';. maar
^'-s.rdS"if ^^s
"'" ='"-'' SdS tf"* dichting" ,
l"»^l hu,
KUiinen <
"HS'^'^
184
21/ zijn de
"anvallerJ
Fasen
Noch Trouw, noch De Vonk hebben aanvankelijk meer gewild dan lijdelijk verzet en burgerlijke ongehoorzaamheid: geen geweld „Elk verzet begint geweldloos," aldus prof. Niezing in zijn VU-lezing, „In een volgende fase begint pas geweld. Het gaat er om die volgende fase niet te bereiken en om die eerste fase niet alleen uitte rekken maar ook uit te breiden." Hij zei dit in antwoord op een vraag van de overste Klumper (die samen met andere KMA-officieren de lezing in de VU bijwoonde) en die bezig is een studie te maken over het Nederlands verzet in de jaren '40'45. Met name kwam aan de orde of niet het sóórt van conflict sterk de mogelijkheden van Sociale Verdediging bepaalt. Welk beeld heeft men van (de doeleinden van) de vijand? In zijn memoires legt Bruins Slot sterk de nadruk op het totalitaire karakter, dat — naar hij vreest — alle toekomstige oorlogen zullen dragen, waarmee de facto het hele volkenrecht op de fles is. ,,Een totalitaire oorlog is niet een zuiver militaire aangelegenheid, maar daarin worden (...) alle militaire en burgerlijke krachten, alle geestelijke, psychische, technische, ideologische middelen (...) gebruikt om de tegenstander—en dat is niet een militaire macht, maareen volk — te vernietigen." Een moderne oorlog is z.i., geen militaire oorlog meer, maar een burgeroorlog op wereldschaal. Daar hebben we aan moeten wennen". De ontwikkeling bij Trouw in 1943 wordt door Bruins Slot verklaard uit een verdieping van dat inzicht. „Met name de traditionele volkenrechtsmensen hebben daar, zeer begrijpelijk, moeite mee gehad." Pag. 123... en ik was gelukkig). „Waren er onder het Nazi-regime mogelijkheden van geweldloos verzet," vroeg Trouw 25 jaar na de bevrijding aan ds. J. J. Buskes (herdenkingsnummer 29 april 1970). Diens antwoord verschilde qua strekking eigenlijk niet van het betoog van prof. Niezing 12 jaar later in de VU: Buskes: „Die waren er in beperl(te mate en in die mate zijn ze ooi( gerealiseerd. Zo liebben b.v. den mensen van „Keri< en Vrede" in woord (predii(ing en illegale lectuur) en daad (hulp aan joden, onderduikers enz.) zicii ingezet om de nazi's geweldloos te bestrijden. Dat wij van de nazi's bevrijd werden hebben wij intussen te danken aan Engeland, Amerika en Rusland, d.w.z. aan oorlogsgeweld. Op mij heeft voor 1940 grote indruk gemaakt het antwoord, dat Martin Buber aan Gandhi gaf, toen deze de Duitse joden opriep, zijn bovengewelddadige strijdmethode tegenover de nazi's toe te passen. Buber zei, dat Gandhi niet begreep, wat nationaalsocialisme betekende. Een demonische wals kan alleen vernietigd worden door een wals, die wat geweid betreft, sterker is. Voor de joden in Duitsland was er zelfs geen mogelijkheid tot protest en getuigenis. Persoonlijk wijs ik oorlogsgeweld af. Dat is een geloofskeuze. Ik kan echter onmogelijk zeggen, dat de bovengewelddadige strijdmethode ais geloofskeuze in politiek opzicht in alle omstandigheden effectief is. Ze kan onze ondergang betekenen. Overigens kan men evenmin zeggen, dat de aanvaarding van het geweld in politiek opzicht in alle situaties effectief is. De ontwikkeling van de techniek brengt met zich mee, dat de toepassing van oorlogsgeweld op een bepaald moment de ondergang van allen betekent. Een scholing in bovengewelddadig verzet is daarom voor ons een zeer dringende zaak." (BvK)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1982
VU-Magazine | 484 Pagina's