Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1982 - pagina 256

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1982 - pagina 256

5 minuten leestijd

held gewezen van een voorlichtingsboekje voor de jongeren zelf en geschreven door iemand uit eigen kring. Johanna Breevoort nam die taak op zich, tussen een historische roman en Vader Cats en de Vrouw schreef ze Stomme Zonden (1916), dat haar zo'n twijfelachtige bekendheid heeft bezorgd tot vandaag: dr. J. W. van Hulst citeert het boekje uitvoerig in een artikel De Evolutie van het begrip zonde, in Inkom, febr. '82, in Voorlopig duikt haar naam zo nu en dan op en zelfs in een boek van Jan Wolkers komt een rijmpje over haar voorlichtingsboekje voor. Velen kennen, direkt of indirekt, iets van de inhoud: de verschrikkelijke gevolgen van de onanie, die verwoestend werkt in het leven van jongeren en behalve lichamelijke gevolgen (één ons zaad is vier kilo bloed) ook geestelijk schade aanbrengt: zowel het tijdelijke als het eeuwige leven staat op het spel. Dat men later over deze methode van voorlichting: voorkomen en zo mogelijk genezing door vreesaanjaging is gevallen, is begrijpelijk, want pedagogisch was ze in elk geval niet verantwoord. Toch is het zaak enkele kanttekeningen te plaatsen, die het mogelijk maken wat verder te komen dan verontwaardiging of zelfs verachting. Inderdaad was Johanna Breevoort een vrouw, die zich met te veel zaken inlieten een,,simplistische visie had over problemen van sociale en theologische aard" (Wapenaar). Rijnsdorp zegt dat ze de neiging had tot een „immer strebend sich bemühen" en daarmee is ze goed getypeerd. Wat de inhoud van haar boekje betreft moet ze toch in haar eigen tijd worden geplaatst en haar standplaatsgebondenheid (èn die van haar tijdgenoten!) moet bij de beoordeling wel in acht worden genomen. Al is haar boekje een extreem voorbeeld inzake seksuele (deel)informatie in Gereformeerde kring, toch gaat het niet aan Johanna Breevoort alleen hiervoor aansprakelijk te stellen. Andere geluiden, nuchterder en milder als het over masturbatie ging, waren er in genoemde kring nauwelijks. Van de meeste schrijvers over dit onderwerp tussen 1900 en 1930 deden de opvattingen niet voor die van Johanna Breevoort onder; integendeel: wat zij wist was vaak ontleend aan minder bekende geestverwanten of van vroegere schrijvers, aan Tissot bijv., die er in 1758 over had geschreven. Vooral uit het Duits werd veel over dit onderwerp vertaald. De ,.voorlichters" uit eigen kring waren vaak predikant, soms zendeling of evangelist en zij benaderden het pro-

234

Opkomen voor rechten van werkende vrouw bleem van de masturbatie vanuit de ethisch-religieuze invalshoek: een ernstig kwaad, waarin velen gevallen waren en waarvan men door gebed en vergeving kon worden verlost. Door waarschuwing en adviezen trachtten zij de jongeren zover te brengen, dat ze met deze zonde braken. Bijbelteksten waarin sprake is van aardsgezindheid, vleselijke begeerten, boze lusten, het zwakke vlees e.d. werden geciteerd om aan te tonen hoe streng het Woord van God over de onanie oordeelt. De overlevering, zelfs die van eeuwen geleden, had een taai bestaan: medici of pedagogen uit eigen, dus betrouwbare kring, waren er weinig, of ze lieten dit probleem liggen, op een enkele uitzondering na. De voorlichting van bijv. Weatherhead (1931), zelf Christen, werd niet aanbevolen en voor relativerende opmerkingen van niet-Christelijke zijde gold dat in nog sterkere mate.

Prof.Waterink: ,,een schande"

In 1912 had de Gereformeerde arts dr. Dupont op verzoek van uitgeverij Kok een huwelijksboek uit het Duits (1906) vertaald en voor Nederland bewerkt. De uitgave bleek een succes en het boek heeft jarenlang de Gereformeerde traditie inzake het denken over het huwelijk bepaald. Van hem loopt de lijn weer naar Johanna Breevoort: hij schreef in Stomme Zonden een aanbevelend voorwoord. De verantwoordelijkheid voor het verschijnen van dit boekje ligt dus ook bij hem, een man van gezag: hij was immers Gereformeerd èn arts! Johanna nam trouwens in haar boekje een aantal zaken uit het boek van Dupont over, en behalve via haar is ook door het werk van Dupont stellig veel blijven hangen over de ingrijpende gevolgen van masturbatie. De herkomst van informatie over seksuele aangelegenheden in het algemeen en over masturbatie in het bijzonder zullen velen zich later niet meer precies herinneren, wél de ernstige gevolgen, omdat men daar vaak emotioneel zo nauw bij betrokken was. Een merkwaardigheid rond dit boekje van Johanna Breevoort is, dat de eerste drukken (1916, 1919 en 1922) vlot werden verkocht. Waar zijn negatieve, of liever, waarschuwende recensies te vinden in de bladen met een Gereformeerde achtergrond ais kerkbodes en landelijke bladen? Deze komen pas, als in de herfst van 1936 een vierde druk verschijnt, onder meer aangekondigd in het Gereformeerd Jongelingsblad van 30 oktober en besproken in het nummer van 4 december: ,Dit boekje is voorzichtig geschreven (...) Een algemene aanbeveling kunnen wij niet geven, omdat er ook naturen zijn, voor wie het lezen van zulk een boekje niet aan te bevelen is". Verder schijnt het de recensent toe, dat het boekje wel eens kwaad zou kunnen en dat men er beter aan doet overleg te plegen met een arts, ais men in seksuele zaken problemen heeft. Maar een week eerder sprak dr. J. Waterink zich in het Calvinistisch Weekblad (27 nov. '36) al duidelijk uit in een lange recensie: „een schande", dat het nog eens verschijnt, ,,krioelt van de onzin",,,geef dit boekje nooit in handen van uw kinderen", het boek is ,,stom en zondig". Dat betekende het einde: de uitgever haalde de exemplaren terug, voorzover mogelijk. Dat betekende het begin van scherpe afkeuringen, ook elders: in Predikant en Dokter, 1937 in een boekje van Vedder, 1938, en andere. Tot ver in de jaren vijftig ziet men een spoor van kritiek op dit boekje, waarbij uiteraard

vu-Magazine 11 (1982)6 O'uni)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1982

VU-Magazine | 484 Pagina's

VU Magazine 1982 - pagina 256

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1982

VU-Magazine | 484 Pagina's