VU Magazine 1982 - pagina 254
De stomme zonden van Johanna en anderen In juli 1982 zal het veertig jaar geleden zijn dat Johanna Breevoort, op de leeftijd van 73 jaar, stierf. Van de vele Christelijke schrijvers uit de periode vóór 1940 is haar naam bekend gebleven: niet direkt door de 26 romans en 68 jeugdboeken die zij schreef en zelfs niet vanwege haar feminisme. Haar boekje Stomme Zonden wordt vaak als representatief beschouwd voor het denken in Gereformeerde kring over onanie. Wie was Johanna Breevoort, vooral: was zij meer dan schrijfster van een boekje over masturbatie? Waarom is het wel verklaarbaar maar niet terecht om vooral haar naam te noemen als het gaat over dit, .donkere vraagstuk"? Vertegenwoordigt zij binnen de Gereformeerde traditie alleen zichzelf of vertolkte zij, wat bij velen leefde en door hen werd voorgestaan? door drs. W. Top Haar romans worden gekenmerkt door dramatische gebeurtenissen: het sterven van (jonge) mensen, verval in armoede, bizarre sociale verhoudingen, afval van het geloof én wonderbaarlijke bekeringen, eenzaamheid, dreiging van vijandige omgeving en hervinden van het geluk in God en de naaste. Al deze situaties treden in een bonte afwisseling, soms als oorzaak, dan weer als gevolg op in haar boeken. Haar eigen ervaringen spelen hierin een belangrijke rol. Maria Gerarda Michels werd in 1869 geboren uit het tweede huwelijk van haar vader. Uit het eerste waren vier zoons geboren, die allen jong stierven. Toen zij tien jaar was, stierf haar moeder aan t.b.c. Haar vader raakte aan de drank en zijn bloeiend bedrijf ging ten onder. Een oudere vrouw voedde Marietje en haar zusje op en de verhouding met deze pleegmoeder was erg goed. Zij is in de verhalen van Johanna Breevoort herkenbaar als de vrome, doorgeleide ziel en heeft grote invloed gehad. Voortgezet onderwijs was echter voor Maria uitgesloten en daarmee was haar toekomstmogelijkheid min of meer bepaald: ze werd dienstbode, haar zus bracht het tot naaister. Maria trouwde op latere leeftijd met Henri Bakhoven en jarenlang woonde het echtpaar in Soest. Na de dood van haar man keerde mevrouw Bakhoven terug naar Rotterdam, waar ze drie jaar later, op 6 juli 1942, stierf. De eerste publicaties van Maria Michels stonden in een Rotterdams kerkblad, dat door ds. Hogenbirk werd
232
geredigeerd. Hij spoorde haar aan .de Christelijke literatuur rond de door te gaan met schrijven en zo ont- eeuwwisseling en ziet in haar werk een stonden rond 1895 haar eerste verha- ,,neerslag der zogenaamde Beweging len. Hogenbirk, die zelf enkele Christe- van Tachtig, in Protestants-Christelijlijke romans schreef, hielp Maria een ke kring". In Karakterzonde en pseudoniem bedenken: Johanna (de Levensleed zou ze, aldus nog steeds voornaam van zijn eigen vrouw) Bree- Wapenaar in 1943, het toppunt van het vaart (omdat het huis waar ze diende literair kunnen hebben bereikt. Ze aan een breed water lag). Haar hand- kreeg er in elk geval veel bekendheid schrift was blijkbaar niet zo duidelijk, door en misschien heeft de goede want de uitgever las Breevoort en dat pers in eigen kring haar gestimuleerd om in hoog tempo door te gaan en liet ze toen maarzo. Ze schreef voor haar geloofsgenoten, zelfs het terrein van haar schrijvershet Gereformeerde volksdeel en voel- schap te verbreden. Naast novellen en de zich als een medium, dat door mid- romans schreef ze kinderboeken en del van verhalen de betekenis van het waagde ze zich in andere sektoren: geloof moest doorgeven. Er is in haar maatschappelijke, theologische en verhalen dan ook een zeker stramien pedagogische. In de laatste zullen we aanwijsbaar: wie God verlaat heeft haar boekje Stomme Zonden tegensmart op smart te vrezen, maar Hij komen. verlaat de zijnen niet en redt uit de Rijnsdorp {In drie Etappen, 1951) acht nood wie Hem aanroepen. Tijdgeno- haar invloed op het eerste van de drie ten wezen al op de vele bekeringen, tijdperken die hij onderscheidt, dat tot die in de boeken plaatsvinden en de 1918, van belang. Op de volgende opstapeling van schokkende gebeur- zette zij niet meer haar stempel. Hij tenissen. Toch werden haar boeken schat haar werk, literair gezien, niet veel gelezen: baareerste roman Vrou- hoog, maar beoordeelt haar mild ais wenweelde en Vrouwensmarf bereikte ,,autodidacte, volkskind, voormalig een vijfde druk en een andere, met de dienstbode (...) onbezwaard met de typerende naam Karakterzonde en Le- valse schaamte die een schoolse ontvensleed werd zelfs na haar dood, in wikkeling dikwijls meebrengt". In 1951 1943, herdrukt. A. Wapenaar plaatst zou een mededeling aangaande het haar in de periode van herleving van beroep geen opzien meer baren, maar dat deed het wel in 1905, toen De Hollandsche Revue een karakterschets van Johanna Breevoort plaatste onder de kop: ,,Mejuffrouw Breevoort is een dienstbode! De schrijver, die zichzelf tot de paganisten rekende, had veel waardering voor haar werk en
Mejuffrouw Breevoort is een dienstbode!
vu-Magazine 11(1982)6 (juni)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1982
VU-Magazine | 484 Pagina's