VU Magazine 1982 - pagina 191
Hoe komt dat? Ten eerste: het bezuinigingsbeleid gaat gepaard met lagere belastingopbrengsten en hogere overheidsuitgaven (uitkeringen). Dit heeft echter, volgens Gans, niets te maken met zogenaamde tegenvallers, maar moet juist worden gezien als konsekwentie van het beleid. Het financieringstekort blijkt bij een bezuinigingsbeleid zelfs toe te nemen! En ten tweede: daling van de ionen betekent niet alleen een kostendaling maar ook een omzetdaling voor de bedrijven . Het is dan ook de vraag wat er per saldo met de rendementen gebeurt. Men hoopt bij dit beleid dan ook op een exportstijging. Of dat gebeurt, is aan zoveel voorwaarden gebonden dat het zeer de vraag is of het ook verwerkelijkt wordt. Gans konkiudeert dat het broekriembeleid niet werkt en stelt voor een stimuleringsbeleid te voeren. Enerzijds zou de vennootschapsbelasting moeten worden verlaagd en een deel van de premielasten voor de werkgevers door de overheid moeten worden overgenomen. Dat zou de ondernemers aanmoedigen te investeren. Anderzijds moet volgens Gans een sociaal kontrakt worden afgesloten waarin staat dat pas als het beleid werkt en de werkloosheid daalt, de lonen worden gematigd. Dit noemt hij een voorwaardelijke loonmatiging. De toeneming van het financieringstekort, dat het logische en bewuste gevolg is van dit beleid, dient monetair gefinancierd te worden. Dit acht Gans aanvaardbaar omdat hij ervan uitgaat dat er in Nederland een aanzienlijke onderbezetting en massale werkloosheid bestaat waardoor een toeneming van de geldhoeveelheid niet leidt tot meer inflatie maar tot meer produktie. Ook het eventueel optredende koopkrachtlek naar het buitenland is voor Gans geen probleem. Integendeel, uit het oogpunt van internationale solidariteit is het zelfs gewenst dat Nederland het overschot op de lopende rekening van de betalingsbalans probeert weg te werken. Ten slotte acht Gans het gewenst dat de Nederlandsche Bank meewerkt om kapitaalvlucht te voorkomen. Nu, de stellingen zijn duidelijk. Zijlstra wil door terugdringing van het financieringstekort en matiging van de ionen het bedrijfsleven weer de nodige ruimte geven. Een stimuleringsbeleid wijst hij af: ,,D/e weg kunnen we niet meer gaan". Zijlstra stelt dat, gezien het gestegen financieringstekort, er in het verleden a\,, gestimuleerd is bij het leven", zonder resultaat. Volgens ons draait Zijlstra hier het verband ten on-
vu-Magazine 11 (1982) 5 (mei)
rechte om: een stimuleringsbeleid zal zeker, althans op korte termijn, gepaard gaan met een toeneming van het financieringstekort. Dit betekent echter niet dat de toeneming van het financieringstekort in het verleden een bewijs is dat er een stimuleringsbeleid is gevoerd. Gezien de konstante liquiditeitsquote sinds 1976, valt het met dat stimuleringsbeleid ook wel mee. Een lastenverlichting a la Gans heeft in de jaren zeventig niet plaatsgevonden en de overheidsinvesteringen zijn zelfs gedaald. Daarom droeg Zijlstra's betoog sterk het karakter van een geloofsbelijdenis. Zonder een sterk gefundeerd betoog waarschuwde hij voor de risiko's verbonden aan een stimuleringsbeleid: ,,Gaan we nu, in een tijd van stagflatie, stimuleren dan zal de rente stijgen en zijn Belgische en Deense toestanden het lonkend perspektief." Gans durft de risiko's van een stimuleringsbeleid wel aan omdat het volgens hem het enige beleid is dat vruchten af kan werpen. Hij wijst er wel op dat het stimuleren in internationaal verband moet gebeuren. Nu laten we Frankrijk alleen doormodderen en zeggen straks trots: ,,Zie je wel, stimuleren helpt niet." Oorzaak van dit falen ligt niet in het feit dat een stimuleringsbeleid in principe onjuist is, maar in het feit dat het niet internationaal geschiedt. Ze konden elkaar niet overtuigen, de ,,solide financier" Zijlstra en de ,,stimulator" Gans. We moeten overigens wel bedenken dat de tegenstelling tussen beide heren betrekking had op de financieringswijze van een in principe gelijk gericht beleid: ruimte geven aan het bedrijfsleven, ófwel door rentedaling, ófwel door lastenverlichting. Beiden kunnen we ze dan ook in de kategorie ,,supply-siders" plaatsen. Kennelijk is er nog genoeg vertrouwen in de werking van het vrije marktmechanisme, een meer sturende rol van de overheid met betrekking tot de investeringen is niet nodig. Het wordt tijd dat de VESVU weer eens een echte ,,andersdenkende" uitnodigt.
Monetaire financiering: ,,Als 't niet hoeft moetje 't zeker niet doen"
Eerbetoon aan M. 1» King
Op 5 april werd een gedenkplaat onthuld voor VU-eredoktor Martin Luther King naast de Universiteitsraadzaal. Het ontwerp is van Fenna Westerdiep. De socioloog prof. dr. G. Kuiper, die een toespraak hield, plaatste King in de rij van partijgangers van armen en onderdrukten: Beyers Naudé, Dom Helder Camara, die beiden ook een eredoktoraat van de VU kregen. Zit daar toch niet iets goedkoops in, in het verlenen van zo'n eredoktoraat? Prof. Kuiper: „Toen eind 1964 in fakulteit en Senaat eenstemmig mijn voorstel werd aanvaard dr. Martin Luther King een eredoktoraat te verlenen, wierp een kollega de vraag op of dat niet een goedkoop gebaar zou zijn, gezien het feit dat de strijd van de zwarte mensen ver van ons bed plaatsvond en een dergelijke situatie van een grote minderheid en in sommige staten zelfs eén meerderheid van gekleurde mensen in Nederland niet voorkwam. Goede vraag, waarover ik toen veel heb nagedacht." Alles afwegend had prof. Kuiper er toch moeite mee het eredoktoraat 'goedkoop' te noemen, vooral omdat King hetzelf allerminst zo vervoer: hij was zeer geroerd. Zijn geweldloze methoden kunnen ook vandaag de dag nog inspireren, tot het veranderen van een onrechtvaardige samenleving, in een tijd dat veien goede sier maken met berusting en machteloosheid, aldus prof. Kuiper.
173
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1982
VU-Magazine | 484 Pagina's