Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1984 - pagina 294

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1984 - pagina 294

5 minuten leestijd

^

gen waaraan binnen het nationale staatsbestel een uiterst belangrijke rol voor de rechtshandhaving is toebedeeld, is de rechterlijke macht. Ook internationele teksten die geformuleerd zijn in termen van rechtsgaranties voor mensen, onderschrijven nadrukkelijk het grote goed van een onafhankelijke en onpartijdige rechter. Het is frappant in dit verband te constateren hoezeer situaties waarvoor de Nederlandse rechter zich gesteld zag tijdens de Duitse bezetting in de jaren 40-45, opnieuw aan de dag treden in landen die door een vreemde mogendheid of door een eigen militaire diktatuur worden beheerst. Onlangs kwamen mij geschriften uit 1945 van enige vooraanstaande Nederlandse rechtsgeleerden onder ogen, waarin deze een keihard oordeel velden over de rol van de Hoge Raad der Nederlanden in de Duitse bezettingstijd. Zij kwamen tot de verbijsterende slotsom ,,dat de hoogste rechter in Nederland zich niet heeft ontzien om zelfs de stuitendste verordenende maatregelen van den vijand in ons vaderland, reeds genomen of nog te nemen: de vervolging van de Joden, de georganiseerde beroovingen, verbeurdverklaringen en afpersingen, de bevordering van hulp aan den vijand Duitschland, de knechting van het geheele sociale en cultureele leven... als , wetten in den zin der Nederlandsche vi/etgeving' in bescherming te nemen", hetgeen betekende, dat de Hoge Raad zich onthield van een oordeel over waarde en inhoud van de verordenende maatregelen van de bezetter. Cleveringa schreef: ,,De Hooge Raad had, toen het recht door den bezetter werd geschonden, voorop moeten gaan in het verzet hiertegen. Dat hij dit niet deed, was op zichzelf al een fout. Maar hij bleef, toen anderen zich verzetten, zelfs achter. Dat vergrootte zijn schuld en maakte hem langzamerhand onmogelijk." Een opvallende parallel treedt aan het licht wanneer men de houding analyseert van rechtscolleges, die functioneren onder hedendaagse militaire diktaturen welke alle gerechtigheidskriteria en de rechten van mensen ondergeschikt maken aan de staatsraison, aan ideologieën van nationale veiligheid en aan eigen militaire en economische belangen. Een in Nederland woonachtige Chileense jurist wijdde onlangs in het Nederlands Juristenblad een boeiende beschouwing aan ,,rechters in militaire diktaturen". Hij begint met de tijd van de Duitse bezetting in herinnering te roepen en wijst vervolgens, tegen de achtergrondvan ervaringen metmilitairediktaturen in Latijns-Amerika, op de schi-

244

Prof. mr. Th. C. van Boven (AVO/VU)

zofrenie van zogenaamde rechtssystemen, waarin de wet en de rechterlijke controle alleen van kracht zijn binnen afgebakende terreinen waar de militaire diktatuur geen speciale belangen heeft, maar waar voor hen die door de Staat als vijanden worden beschouwd, noch de bescherming van de wet, noch de bescherming van de rechter bestaat. Aldus worden werkelijke en vermeende politieke tegenstanders tot vogelvrijen verklaard die zonder enigerlei vorm van rechtsbescherming naar believen worden gemarteld en geliquideerd. De diktatuur maakt hen tot ,,non-persons" wier mens-zijn en menselijke waardigheid wordt ontkend, Watzich afspeelt in de geheime centra van wreedheid, ontmenselijking en cynisme, onttrokken aan de heerschappij van het recht en de controle van de rechter, draagt alle kenmerken in zich die ook de nazi-terreur eigen waren. Het merendeel van de rechters in landen als Chili, Guatemala, El Salvador en in Argentinië onder de militaire diktatuur kwam er niet aan te pas en, wat erger is, wilde er niet aan te pas komen. Verzoeken van familieleden van verdwenen personen om ,,habeas corpus" — een rechtsmiddel om de wettigheid van detenties te toetsen — werden door rechters nietontvankelijk verklaard of volledig ontkracht, doordat zij zich eenvoudig tevreden stelden met de mededeling van de autoriteiten, dat omtrent detentie van betrokkenen niets bekend was. Stelselmatig werd eigen onderzoek uit de weg gegaan en het dagvaarden en ondervragen van veiligheidsagenten werd nagelaten. Rechters seponeerden vrijwel alle klachten over martelpraktijken. Genoemde Chileensejurist merkte dan ook op dat,, het straffeloos

laten van terroristische staatsactiviteiten impliceert binnen de logica van het systeem dat deze misdaden niet bestaan". Door aldus te handelen of niet te handelen, doorte zwijgen waar gesproken moet worden, door zich van een oordeel te onthouden waar geoordeeld moet worden, doet een rechterlijk gezag in een situatie zoals zojuist aangeduid, niet alleen afstand van zijn verantwoordelijkheid maar maakt het zichzelf medeplichtig en legitimeert het een staatssysteem dat het recht met voeten treedt. De legitimiteit van gezag Wij stuiten hier op de legitimerende rol van gezagsituaties. Hoe vaak hebben allerlei gezagsituaties, waaronder ook kerken, een neutrale houding aangenomen waar een duidelijke stellingname geboden was? Maar Dom Helder Camara en dr, Beyers Naudé hebben zich in hun spreken en handelen doen kennen als authentieke pleitbezorgers van onderdrukten, vervolgden, achtergestelden en armen. Zoals Dom Helder het formuleerde in zijn toespraak van 21 oktober 1980 aan deze universiteit: ,,lk tracht de stem te zijn van de dissidenten aan wie het recht ontnomen is om hun stem te laten gelden".Dom Helder Camara ontleende zijn gezag in een katholiek land aan zijn aartsbisschoppelijke functie, maar hij legitimeerde zijn gezag door pleitbezorger te zijn voor hen die niet konden of niet mochten spreken. Dr. Beyers Naudé had gezag in Zuid-Afrika als gereformeerd theoloog, maar hij maakt zijn gezag echt waar door zijn verzet tegen de onrechtvaardige en onmenselijke apartheidspolitiek en door pleitbezorger te zijn voor de gelijkheid van alle

vu-Magazine 13(198417 iuli/ augustus 1984

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1984

VU-Magazine | 536 Pagina's

VU Magazine 1984 - pagina 294

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1984

VU-Magazine | 536 Pagina's